Ga direct naar inhoud
Profielen | Profielen translated
14 juli 2026

Zwart logo Profielen

Onafhankelijk nieuws van de Hogeschool Rotterdam

Opinie

Cyriel over taal: Daar heb ik geen woorden voor, behalve “Niftrik”

22 September 2025

Cyriel van Rossum is taaldocent aan de Pabo van de Hogeschool Rotterdam. Hij schrijft voor Profielen een maandelijkse column over taalkwesties.

Man zit verstrengeld in stofzuiger die vastzit met kabel. Niftrik. Illustratie door Demian Janssen

Het afgelopen jaar heb ik heel veel met spullen gesjouwd. Reden: ik kocht een groot, oud huis met een grote tuin. Veel klussen en tuinieren dus. De grootste frustratie daarbij was dat snoeren en slangen de neiging lijken te hebben om ergens achter te blijven haken. Herkenbaar?

Niet alleen snoeren en slangen, maar ook kleding heeft die neiging. Als dat gebeurt, valt mij altijd de term ‘opstand der dingen’ in. Daarmee wordt het fenomeen aangeduid dat dingen precies doen wat jij niet wilt. Een dekseltje van een verfpot dat precies op de verkeerde kant op de grond valt. Een belangrijk schroefje dat nauwgezet in een spleet valt. Een leertje in een plantenspuit dat steeds scheef gaat zitten. Een koffiefilter die dubbelklapt waardoor je een pot slappe leut krijgt. Het is alsof de dingen jou moedwillig dwarszitten.

Het blijven haken van snoeren, slangen en kleding is een categorie apart, waarvoor een woord zou moeten worden bedacht. Zodat je kunt zeggen: ‘Vandaag weer veel last gehad van X; ik werd er niet goed van!’

Er zijn heel wat begrippen die iedereen kent maar waarvoor we in het Nederlands geen woord hebben. Heel fascinerend zijn de woorden die andere talen daar wél voor hebben. Ken je het verschijnsel dat je, staande op grote hoogte, een ogenblik denkt: ‘Ik kan nu met één stap heel diep vallen en dan bammm’? Of op de autoweg: ‘Een klein rukje aan het stuur en dan bammm’? Ik herinner me nog goed dat ik met mijn dochtertje van een paar maanden bij de krokodillen stond in de dierentuin en dat – heel eventjes maar – de gedachte opsprong om haar over de omheining in hun vijver te gooien. Smeksmek.

Een student vertelde mij dat je, als zulke nare gedachten nooit bij je opkomen, psychisch niet goed in elkaar zit. Deze gedachten zouden een teken zijn van een gezonde geest. De Fransen hebben voor dit verschijnsel een woord: l’appèl du vide. Dat betekent zoiets als ‘de roep van de leegte’.

Nu we het toch over andere talen hebben. Het Japans heeft ook verschillende handige woorden, die wij missen. Zoals komorebi: het zonlicht dat door bladeren wordt verstrooid en zo’n rustige schoonheid geeft, als je door een bos loopt. De Japanners hebben ook een woord voor zo hard werken dat de dood erop volgt: karoshi. Niet zo gek, want de Japanse werkcultuur is ronduit honds te noemen. Regelmatig zakken mensen dood in elkaar ten gevolge van uitputting door dat harde werken. Het is daar zo’n groot structureel probleem dat er een waarschuwingscampagne is gestart rond het fictieve meneertje mister Karoshi. Een karikatuur met een grijs jasje aan, afhangende schoudertjes, een aktetas, een slap hoedje en een doodshoofd met holle ogen. Een campagne compleet met merchandise (stickers, sleutelhangers, posters, plastic poppetjes).

Ook de Duitsers hebben woorden, die wij tekort komen. De mooiste is Verschlimmbesserung. Een verslechterverbetering letterlijk. Het komt in de buurt van ‘iets verkloten’. Of wat dacht je van Treppenwitz? Een bijdehante opmerking die je pas bedenkt als je het pand verlaat (op de trap): Shit, dat had ik net moeten zeggen!

Een andere Duitse favoriet van mij is Drachenfutter. Letterlijk: drakenvoer. Het wordt gebruikt voor een cadeautje dat je krijgt, zonder dat duidelijk is waarom. En waarvan je vermoedt dat het is om iets goed te maken waarvan jij niets weet.

Nog eentje dan: Gigil, een woord uit het Tagalog, een taal die op de Filipijnen wordt gesproken. Dat is de verleiding om iets dat superlief en aaibaar is, helemaal fijn te knijpen. Een kuikentje, een jong konijntje, een baby’tje, je partner. De aanvechting om een levend wezen dood te knuffelen, zeg maar.

Maar er zijn ook Nederlandse woorden waarvoor in andere talen geen vertaling is: gezin, uitwaaien, kleumen, natafelen, uitbuiken, hèhè en natuurlijk gezellig. Dat laatste woord is heel bijzonder: een kamer kan heel gezellig zijn, zonder dat er mensen in aanwezig zijn, terwijl je het samen ook heel gezellig kunt hebben in een zaal met tl-verlichting, witte plavuizen en formicatafels.

Mijn vader zaliger had een boekje van Justus van Oel met de titel Kunt u Breukelen? De auteur had allerlei vreemde plaatsnamen voorzien van een betekenis waarvoor wij geen woord hebben. Sneek bijvoorbeeld: de scherpe rand die er tóch aan blijkt te zitten zodra je een wasmachine gaat versjouwen. En Geesteren: driftig dingen opruimen die je huisgenoot eigenlijk nog nodig had. Een geweldig leuk boekje, dat ik helaas nergens meer kan vinden. Ik heb nu zelf een plaatsnaam gekozen om de neiging van snoeren, kleding en slangen om ergens achter te blijven haken: Niftrik. Zodat ik zeggen kan: ‘Vandaag weer ontzettend veel Niftrik. Ik werd er niet goed van!’

Illustratie: Demian Janssen

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief!


LinkedIn LogoProfielen is ook actief op LinkedIn. Volg ons, blijf op de hoogte en praat mee over actuele onderwerpen.

Reacties

Laat een reactie achter

7 Responses to Cyriel over taal: Daar heb ik geen woorden voor, behalve “Niftrik”

  1. De bijzondere woorden van Gioia- Enrico Galiano is een jeugd boek, met aandacht voor woorden in verschillende talen, waar wij geen vertaling voor hebben. Voor het overzicht, zijn ze achter in het boekje als lijst opgenomen.

  2. Wat een fijne stuk!
    Ik lijd zelf heel erg aan gigil en niftrik. En aan tsundoku. Ik word er inderdaad niet goed van.

  3. En wat te denken van het, naar mijn bescheiden mening nog altijd te onbekende en daardoor te weinig gebruikte, ‘meestribbelen’. Te gebruiken in situaties waarin iemand ‘ja’ zegt en ‘nee’ doet.

  4. Inderdaad…. nolens volens en jein zijn Latijnse en Duitse equivalenten, maar geen werkwoorden.

Spelregels

De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.

  1. Comments worden door de redactie gemodereerd. 's Avonds en in het weekend gebeurt dat niet standaard, en kan het dus langer duren voor je opmerking online komt.
  2. Houd het netjes, beschaafd, vriendelijk en respectvol. Niet vloeken of schelden.
  3. Dwaal niet af van het onderwerp (blijf ‘on topic’).
  4. Wees kort, duidelijk en maak een punt.
  5. Gebruik argumenten, geen uitroepen.
  6. Geen commerciële boodschappen.
  7. Niet op de persoon spelen.
  8. Niet discrimineren, aanzetten tot haat of oproepen tot geweld (ook niet voor de grap).
  9. Van bezoekers die een reactie achterlaten op de site wordt automatisch het IP-adres opgeslagen.
  10. De redactie geeft reacties die dreigende taal bevatten door aan de veiligheidscoördinator van de Hogeschool Rotterdam.

Lees hier alle details over onze spelregels.

Back to Top