Cyriel over taal: Gisunt inde sālig jār! (De beste wensen, zeg maar)
5 January 2026
Lees even mee: ‘Willikumo ana Rottaa. Ik bim thorperi hiera ana Rottaheimi. Wi heton thiusa aa Rottaa wanda siu is dunkur endi rotta. Siu stromit thora then muoron na thera Meriweda endi thera Masa. Thiu Masa is en aa vilo mikil endi vuorit van Walalande na saltin watare. Thiusa hem is thorp onsaro.’
Je hebt waarschijnlijk geen idee wat je gelezen hebt. Ik zal het even vertalen: ‘Welkom bij de Rotte. Ik ben dorpeling van de nederzetting aan de Rotte. Wij noemen deze rivier de Rotte omdat ze donker is en troebel (rot). Zij stroomt door de moerassen naar de Merwede en de Maas. De Maas is een heel grote rivier en ze stroomt van Frankrijk naar zout water. Deze nederzetting is ons dorp.’
Tot je spreekt een bewoner van het dorpje dat zou uitgroeien tot Rotterdam. Maar dan in een Nederlands die in het jaar 1000 gesproken werd. Wel effe wat anders, hè? Wat valt er op aan dit oud-Nederlands – want dat is het -als je het hardop leest? Mij vooral dat de stomme ‘e’ (zoals die klinkt in vurrukkuluk) nog niet voorkomt. En ook dat de th nog bestaat, uitgesproken zoals de Engelsen dat nog doen. Ook interessant: ze spraken toen met een zachte g.
De mensen die dit spraken kwamen van het zuiden, wat nu Vlaanderen en Frans-Vlaanderen is. Zij verdrongen langzaam maar zeker die andere voorouders van ons: de Friezen. De spreker uit het jaar 1000 zou je er dit over kunnen vertellen: ‘Min aldervadar is vilo wintaro er mit anderon liudin van suthan tuote hiera gitogon. Sie kwamon in skipon thuo hiro alda hem in lande Vlamingjo thore thia vluot ovarswimmit warth. Samana hebbunt sie that land opgiworpon endi hiro huova gimakot. Er waron hiera liudi thie thia Vresono tala sprakon. Thie sint nu in northan gitogon.’
Ik vertaal even, want het kost nogal wat denkkracht en je hebt de feestdagen nog in je hersenen. ‘Mijn grootvader is vele winters geleden met andere lieden van het zuiden naar hier getrokken. Zij kwamen van hun vorige nederzetting met schepen omdat Vlaanderen overstroomd raakte. Samen hebben ze deze terp opgeworpen en hier hun huizen gebouwd. Er waren hier lieden die de Friese taal spraken. Die zijn nu naar het noorden getrokken.’ Die Friezen trokken zich dus terug naar wat nu Noord-Holland en Friesland is. Hun invloed op het ontstaan van het Standaard-Nederlands is vrij beperkt, maar Fries behoort wel tot dezelfde West-Germaanse taalfamilie als het Oud-Nederlands.
De mensen die zich bij de Rotte settelden waren Franken. Een volk dat nog veel langer geleden uit het huidige Duitsland via het oosten van ons land uitwaaierde over Zuid-Nederland, Vlaanderen en Noord-Frankrijk. Ten opzichte van de Friezen dus nieuwkomers.
De Friezen hebben nog handel gedreven met en gestreden tegen de Bataven. Aha, de Bataven, hoor ik de lezers denken die opgelet hebben bij vaderlandse geschiedenis. De Bataven, onze roemruchte voorouders. Dat is ons geleerd, maar het klopt niet helemaal. De Bataven zijn als volk al in de derde eeuw als een nachtkaars uitgegaan. Ze zijn opgegaan in de cultuur en taal van nieuwkomers, met name die Franken. Taalkundig zijn daarom niet de Bataven maar de Franken onze voorouders.
Hoe zal het Nederlands over duizend jaar klinken? Zal het überhaupt nog bestaan als aparte taal? Alles wat ik daarover zou zeggen, zou science fiction zijn. Wat vrijwel zeker is – als er al nog iets van een Nederlandse taal zou bestaan – is dat wij die taal onverstaanbaar zullen vinden. Nog onbegrijpelijker dan het Oud-Nederlands. Niet alleen omdat de wereld en de werkelijkheid onherkenbaar zullen zijn. Met al die spellingsregels die je moet leren zou je het misschien niet denken, maar onder invloed van nieuwkomers, internationalisering en subculturen gaat taalverandereing nu veel sneller dan de afgelopen duizend jaar.
Spreken we in 3025 misschien een mengeling van Hindi, Chinees, Spaans en Engels? Zullen we dan eindelijk allemaal één wereldtaal spreken? Tot het moment dat we een toren gaan bouwen, nog hoger dan die van Babel? Wi ne kunnan that niewiht witan… Gisunt inde sālig jār, al the that lesan!
Illustratie: Demian Janssen






Mochten we in 3025 inderdaad één wereldtaal spreken, dan is de kans groot dat het een afgeleide is van de Indo-Europese talen, geschreven in een Romeins alphabet. Daarom zeg ik alvast: happy neues année, todos!
Jim
Ik help het je hopen, Jim! Misschien is de Westerse Wereld tegen die tijd wel allang uitgespeeld op het wereldtoneel. Laten we vast gaan duimen dat dat niet zo zal zijn (^o^;)