Ga direct naar inhoud
Profielen | Profielen translated
27 oktober 2021

Zwart logo Profielen

Onafhankelijk nieuws van de Hogeschool Rotterdam

Coming Out Day op HR: ‘Er worden veel homofobe grapjes gemaakt’ 

Gepubliceerd: 11 October 2021 • Leestijd: 6 minuten en 33 seconden • Interview

Voor Coming Out Day sprak Profielen met verschillende HR-studenten over hun coming out en hun huidige situatie. Makkelijk is het vaak niet.  

Anno 2021 lijkt het vanzelfsprekend dat lbhti’ers ‘gewoon’ uit de kast kunnen komen. De realiteit is een stuk weerbarstiger. Dat geldt ook voor studenten van de Hogeschool Rotterdam.

‘Soms vragen mijn ouders wanneer ik met een man thuiskom’

Elisa (21) studeert biologisch en medisch laboratoriumonderzoek. Ze is ‘half’ uit de kast. Haar situatie is complex. Ze is geboren en getogen op Goeree-Overflakkee, een eiland ten zuiden van Rotterdam. Elisa woont er nog steeds.

‘In mijn jeugd was er niemand openlijk lbhti. Tijdens mijn pubertijd ontwikkelde ik gevoelens voor vrouwen. Pas toen ik in Rotterdam naar het mbo ging, ontdekte ik dat je “gewoon” gay kunt zijn. Er ging een hele wereld voor mij open.’

Elisa’s ouders weten van niks. ‘Soms vragen mijn ouders wanneer ik met een man thuiskom. “Of met een vrouw?”, heb ik weleens geantwoord. Er volgde geen afwijzende reactie.’ Haar ouders zijn ‘christelijk, maar nemen lang niet ieder woord in de Bijbel letterlijk’. Het feit dat ze op school zichzelf kan zijn, maar op het eiland niet, ‘schuurt’ in de dagelijkse praktijk. ‘Op Goeree-Overflakkee bestaan gays niet’, vertelt Elisa. ‘Het wordt doodgezwegen. Ik ben vooral erg bang voor de manier waarop sommige mensen zullen reageren’.

Veel met ‘homo’ gescholden

Bij HR Pride ontdekte Elisa ‘tot eigen verbazing’ dat verschillende studiegenoten, afkomstig van ‘haar’ eiland, óók lbhti’ers zijn. ‘Dat wisten we niet van elkaar. Dat hielp heel erg, het idee dat anderen in dezelfde situatie zitten.’

Elisa merkt dat de omgeving waarin zij woont en opgroeide ‘langzaamaan progressiever’ wordt als het gaat om lbhti-thema’s. Elisa zoekt naar ‘een goed moment’ om uit de kast te komen.

Op de HR kwam ze uit de kast tegenover enkele mensen die ze vertrouwt. Haar thuisomgeving en het grote publiek weten nog van niks. Ze merkt dat er, terloops, ‘veel met “homo” wordt gescholden’ op de opleiding. Ondanks dat Elisa het vervelend vindt, zegt ze er niks van.

‘Neem alle tijd van de wereld, denk er goed over na. Je hoeft niet direct uit de kast te komen, ga eerst jezelf ontdekken’, geeft Elisa als tip aan mensen die nog (diep) in de kast zitten. Het duurde ‘een aantal jaar’ voordat ze begreep en vooral erkende dat ze lbhti’er was.

‘Het is best wel raar om te ontdekken dat je aseksueel bent’

Tom (20) volgt de lerarenopleiding Engels. Hij omschrijft zichzelf als ‘aseksueel biromantisch’. Het komt erop neer dat hij zowel op mannen als op vrouwen valt, en wel ‘romantische gevoelens’ kan ontwikkelen voor beide geslachten, maar geen seks wil. ‘Het is best wel raar om te ontdekken dat je aseksueel bent. Ik begreep wel waarom mensen een partner willen hebben, maar de echte penetratie hoeft voor mij niet.’

Hij is nu ‘een á twee jaar’ uit de kast: ‘Ik kan wel met een partner zijn, maar het hoeft niet té close’. Soms zeggen mensen dat je ‘met seks moet leren leven’, zegt hij, daar is hij het niet mee eens. Af en toe leidt het tot ‘pittige discussies’, het merendeel van zijn omgeving vindt het prima.

‘Noch op de opleiding, noch op mijn werk voel ik de behoefte om uit de kast te komen, maar ik verberg het ook niet. Als leerlingen ernaar vragen, geef ik eerlijk antwoord’, zegt Tom. ‘Mijn ouders weten ervan, zij vinden het prima.’ Over het algemeen krijgt hij positieve reacties als hij vertelt over zijn seksuele geaardheid. ‘Niet iedereen begrijpt het even goed, maar dat is vooral hun probleem’.

Onbegrip leeft er vooral bij familieleden, ‘zij vinden het lastig te begrijpen’. Tegenwoordig zegt hij ‘dat komt wel’ als er gevraagd wordt naar een partner of kinderen.

‘Ik geniet van het gevoel, daar laat ik het bij’

Tom heeft regelmatig ‘crushes’, maar daar doet hij dan niks mee. ‘Ik geniet van het gevoel, daar laat ik het bij. Over tien jaar zie ik mezelf wel met iemand samenleven, een man of een vrouw of iets wat daar tussenin zit – ik vind het allemaal prima. Maar dan zonder de seks: het trekt mij gewoon niet. Een “crush” hebben vind ik raar. Dan voel ik een klik, en denk ik: en nu? Het is een stenen muur waar ik niet overheen kan klimmen. Ik knuffel wel graag. Daar blijft het bij.’

Hij is niet actief op zoek naar een partner, hij gebruikt alleen Grindr ‘om mensen te kijken’. Hij voelt zich wel regelmatig ‘uitgesloten’, omdat zijn seksuele voorkeur ‘moeilijk uit te leggen is. Ik zou willen dat mensen wat meer begrip voor aseksualiteit tonen, veel mensen denken dat ’t niet bestaat.’

‘De technische sector is niet lbhti-vriendelijk’

Een student van een ‘technische opleiding’ is non-binair en wordt het liefst aangeduid met hen/hun. De student zit in het bestuur van een studievereniging en op school weet niemand van hun geaardheid, daarom is hen in dit stuk anoniem.

‘Eerst dacht ik transseksueel was, uiteindelijk ontdekte ik dat ik non-binair ben’, vertelt hen. Onlangs kwam de student uit de kast tegenover hun ouders: ‘Dat was geen probleem. Ze zeiden wel: wat doe je jezelf aan? Omdat je als ouder het allerbeste voor je kind wil, als “minderheid” zadel je jezelf op met problemen.’

‘In een podcast hoorde ik de tip dat je eerst uit de kast moet komen bij je belangrijkste vriendenkring, en vervolgens steeds verdergaat.’ Onlangs ging hen op vakantie met een aantal vrienden, de student besloot dat de reis een uitgekozen moment ervoor was. De reacties waren goed. ‘Sindsdien ga ik als non-binair door het leven.’

‘Die hebben we hier toch niet?’

De student koos er bewust voor om op hun opleiding in de kast te blijven. ‘De technische wereld is homofoob en vrouwonvriendelijk. Het voelt voor mij niet als een veilige situatie om uit de kast te komen. Er worden veel homofobe grapjes gemaakt. Een studiegenoot vroeg laatst of de vereniging “lbhti-vriendelijk” was. ‘Zijn antwoord? Natuurlijk niet, “die” hebben we hier toch niet.’

Vorig jaar werd er door de opleiding gehamerd op het ‘accepteren van homo’s en vrouwen in de techniek’, tot op heden met pover resultaat. ‘Trans of non-binair zijn’… de student zwijgt even om zich op hun woorden te beraden. ‘Ik betwijfel of mijn medestudenten het woord überhaupt kennen. Iemand zei onlangs: “Het is heel simpel, of je hebt een piemel en je bent een man, of je hebt een vagina en je bent een vrouw”. Zo zwart-wit denken ze.’ Als reactie hierop reageerde hen dat het ‘wel wat gecompliceerder’ is. ‘Allemaal onzin’, luidde het commentaar.

Tot zover de inclusiviteit: ‘Daarom zit ik in de kast. Het zit simpelweg niet in hun denkpatroon, lbhti zijn. Als bestuurslid wil ik eraan werken, maar ik ben de enige die het thema serieus neemt.’ Het biedt weinig perspectief. ‘Men zegt: we accepteren het. Maar de dagelijkse realiteit is anders.’

‘Aseksuelen bestaan niet, ze willen gewoon heel graag bij de lbhti-groep horen’

Carmen (18) is student crossmediale communicatie en kwam er twee jaar geleden achter dat ze aseksueel is. Ze vroeg advies aan vriendinnen die zichzelf identificeerden als lesbisch of biseksueel. ‘Zij zeiden: dat bestaat niet, aseksuelen willen gewoon heel graag bij de lbhti-groep horen.’

Dat was niet zo’n heel fijne, eerste reactie van vrienden – ‘niet lang erna is die “vriendschap” ook geëindigd’, zegt Carmen. ‘Lang heb ik gedacht dat het niet bestond, door wat die vriendinnen zeiden. Maar ik wist dat ik écht niks met seks heb. Het trekt me niet. Ik hoef het gewoon niet, ik zoek er niet naar. Later ontdekte ik dat ik niet de enige ben, maar aseksuelen worden niet volwaardig erkend.’ Ze vindt het pijnlijk: ‘Er is geen representatie, mensen doen het af als een “trend”.’

Ze schraapte haar moed bijeen en vertelde het aan haar ouders. ‘Ze hebben er niet echt vrede mee, ze zeggen simpelweg: “Oké, is goed”. Mijn ouders tonen weinig interesse en zijn niet nieuwsgierig naar mijn ervaringen. “Je doet maar”, zeiden ze. Dat vind ik nogal jammer. Ik hoopte dat ze meer interesse toonden, zodat ik mij gehoord voelde.’

‘Mensen zeggen vaak dat het een fase is’

Volgens haar ouders zal het nog wel veranderen als ze ‘de ware’ ontmoet. ‘Die reactie krijg ik wel vaker. Of mensen zeggen: het is een fase. Ik hoor ook regelmatig: je bent nog te jong om te weten dat je aseksueel bent.’ Het commentaar dat ze krijgt, doet haar pijn. ‘Dat is de reden dat ik nog niet uit de kast ben gekomen op school. Ik wil gewoon niet wéér dezelfde teleurstellende antwoorden krijgen. Ik ben bang dat de reacties die ik krijg, niet de reacties zijn die ik graag wil horen.’

Haar huidige vriendenkring accepteert haar. Carmen nam twee studiegenoten in vertrouwen. ‘Zij vonden het prima. Er wordt niet openlijk gesproken over geaardheid in de klas. Docenten beginnen direct met zij/hem/haar, ze vragen niet eens naar je pronouns. In de klas was er geen aandacht voor onze geaardheid. Er was geen ruimte om dat te zeggen.’

Volgens Carmen zijn er nog wel verbeterpunten om het klimaat op de HR lbhti-vriendelijker te maken. ‘Denk aan het aangeven van je pronouns bij de aanmelding voor je studie. Dan weet de docent het van tevoren. Het zit ‘m in de kleine details.’

Tekst: Rutger de Quay
Illustratie: Demian Janssen

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief!

Reacties

Laat een reactie achter

3 Responses to Coming Out Day op HR: ‘Er worden veel homofobe grapjes gemaakt’ 

  1. Ik vind het verschrikkelijk als mensen niet kunnen zijn wie ze (willen) zijn. Er moet nog wel wat veranderen in de maatschappij.

    Dat gezegd hebbende, de verandering van taal en het opdringen van onwetenschappelijke termen en theorieen moet eens aangepakt worden. Dat zorgt voor meer onbegrip en dient nergens voor. Het progressieve gedachtengoed leidt daarmee soms tot spanningen en polarisatie.

    En grapjes over homo`s, hoe flauw en ongepast ook , moet gewoon kunnen, een beetje neen dikke huid en zelfspot is namelijk gezond. Al snap ik dat dat een probleem wordt als je je identiteit aan 1 eigenschap ophangt.

  2. Ironisch genoeg staat onder dit artikel in de spelregels voor het geven van reacties het volgende: “niet op de man/vrouw spelen”. Uitdrukkelijk is ook de vrouw meegenomen in die uitspraak. Juist daarmee wordt echter blootgelegd dat non-binaire mensen nog niet geëmancipeerd zijn in het taalgebruik. Lange weg te gaan…

  3. Super tof en dapper dat jullie je verhalen met ons hebben gedeeld. Bedankt daarvoor!

    @Jap het is mij niet helemaal duidelijk wat jij dan vindt dat er moet veranderen in de maatschappij. Het lijkt me dat een term voor hoe een persoon zich identificeert of een persoonlijk voornaamwoord dat daarbij aansluit vrij wezenlijke dingen zijn. Persoonlijk zou ik graag zien dat er een onzijdig persoonlijk voornaamwoord komt voor de derde persoon enkelvoud, dan kan je er gewoon voor kiezen of je een geslacht of sekse wil benoemen of niet. Dat de grapjes gewoon moeten kunnen ben ik het simpel weg niet mee eens. Zeker in school en op de werkplek is er in mijn ogen geen enkele ruimte voor homofobe, racistische of wat voor segregerende grapjes dan ook.

 

Spelregels

De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.

  1. Houd het netjes, beschaafd, vriendelijk en respectvol. Niet vloeken of schelden.
  2. Dwaal niet af van het onderwerp (blijf ‘on topic’).
  3. Wees kort, duidelijk en maak een punt.
  4. Gebruik argumenten, geen uitroepen.
  5. Geen commerciële boodschappen.
  6. Niet op de man/vrouw spelen.
  7. Niet discrimineren, aanzetten tot haat of oproepen tot geweld (ook niet voor de grap).
  8. Van bezoekers die een reactie achterlaten op de site wordt automatisch het IP-adres opgeslagen.
  9. De redactie geeft reacties die dreigende taal bevatten door aan de veiligheidscoördinator van de Hogeschool Rotterdam.

Lees hier alle details over onze spelregels.

Back to Top