Pedagogisch denkgereedschap #1: De stagiair die verdween in beleefdheid
25 June 2025Ze was één van die studenten die je niet snel vergeet. Nieuwsgierig, scherp, zorgvuldig. Toch viel ze steeds minder op. Op het eerste gezicht leek er weinig aan de hand. Ze was beleefd, leverde haar werk keurig op tijd in en stelde gerichte vragen. Pas toen ze uit eigen beweging een gesprek vroeg over haar stage, werd duidelijk hoezeer ze zich aan het terugtrekken was. ‘Ik weet niet of ik hier pas’, zei ze zacht. De praktijk riep om bevraging, vóór het te laat was.

’Professioneel’ zijn, of jezelf?
De student liep stage bij een creatief communicatiebureau. De sfeer was informeel, snel, en sociaal uitgesproken. Aanvankelijk was ze enthousiast: ze mocht bijdragen aan échte campagnes en meedraaien in het team. Maar gaandeweg trok ze zich terug. Veel inhoudelijke ideeën deelde ze niet, terwijl ze die wél had. In het team viel het op dat ze stil was. Tijdens een evaluatie zei de stagebegeleider: “Ze doet haar werk prima, maar ze is wel wat passief.”
In een nagesprek bleek dat de student zich niet veilig voelde om zich te uiten: ze twijfelde of haar manier van zijn wel als professioneel werd gezien. Ze wilde graag bijdragen, maar had het gevoel zichzelf daarvoor te moeten verloochenen. Wat op papier een succesvolle stage leek, dreigde in pedagogisch opzicht te verzanden.
Andere stijl, gebrek aan erkenning
In deze situatie botsen ten minste twee belangen. Het bedrijf verlangt zichtbaarheid en actieve participatie — passend bij een dynamische werkomgeving waarin eigen initiatief essentieel is. Tegelijkertijd heeft de student behoefte aan een leeromgeving waarin haar zorgvuldige, afwachtende stijl erkend wordt als legitieme vorm van participatie. Ze zoekt aansluiting zonder zichzelf kwijt te raken.
De spanning tussen deze belangen wordt zichtbaar in hoe haar terughoudendheid geïnterpreteerd wordt: niet als doordachtheid, maar als passiviteit. De student lijdt onder deze miskenning. Ze voelt zich buitenstaander in een systeem dat haar vorm van inbreng niet erkent. Het gaat niet om onwil, maar om het ontbreken van een brug tussen haar eigen waarden en die van de praktijk. Daarmee stokt haar vorming op een niveau dat niet per se zichtbaar is in cijfers of aanwezigheid, maar wel in betrokkenheid en zelfvertrouwen.
Erkenning als voorwaarde voor vorming
Het ideaal dat alle studenten zich als zelfstandig persoon kunnen ontwikkelen tot professional is hier richtinggevend. Het vraagt om onderwijs dat ruimte laat voor verschil — in stijl, in tempo, in stem. Een praktijk waarin studenten alleen worden gewaardeerd als ze voldoen aan impliciete normen van extraversie en snelheid, sluit anderen uit. Een pedagogisch ideaal dat daar tegenover staat, is dat van erkenning als voorwaarde voor vorming: studenten moeten zich aangesproken voelen op wie ze zijn, om zich werkelijk te kunnen ontwikkelen.
Dit ideaal vraagt in deze situatie om pedagogisch voorleven. De docent erkent de spanning tussen de student en de stageomgeving en benoemt deze — zonder verwijt, maar mét aandacht voor wat er op het spel staat. In gesprekken met de student wordt ruimte gemaakt voor haar verhaal, zonder dat haar stijl als tekort wordt benoemd. Er wordt actief gezocht naar manieren waarop ze haar stem kan laten klinken op een manier die bij haar past. De docent laat daarmee zien dat het mogelijk is om verschil serieus te nemen en vorm te geven aan een professionele identiteit die authentiek blijft. In die houding schuilt de vorming die van student tot professional leidt.
De persoon achter het gedrag
Het gesprek met de student vormt het startpunt. Daarin wordt niet alleen gevraagd hoe het gaat, maar ook wat ze nodig heeft om zich uit te spreken. De docent benoemt wat hij ziet: dat ze goed voorbereid is, maar haar ideeën vaak voor zich houdt. Vervolgens wordt contact gezocht met de stagebegeleider, niet vanuit klacht, maar vanuit gedeeld belang: een waardevolle leerervaring voor de student. De begeleider wordt meegenomen in het spanningsveld dat de student ervaart, met de vraag wat er nodig is om haar meer ruimte te geven.
In dit handelen komen de pedagogische idealen tot uitdrukking. Door aandacht te geven aan de persoon achter het gedrag, door te erkennen dat leerprocessen zich ook buiten zicht voltrekken, en door een brug te slaan tussen student en praktijk. De docent neemt niet de rol van mediator op zich, maar die van opvoeder: iemand die helpt om werelden met elkaar in verbinding te brengen. De student wordt daarmee niet alleen ondersteund, maar ook gevormd in het aangaan van verschil — een vorming die essentieel is voor haar toekomstige beroepspraktijk.
Dialoog als startpunt voor verandering
Een toekomstgerichte aanpak begint met erkenning van het probleem: dat sommige studenten onbedoeld buitenspel raken in praktijken die bepaalde vormen van gedrag bevoordelen. Opleidingen kunnen studenten helpen om hun eigen stijl te herkennen én om zich daartoe te verhouden in diverse contexten. Tegelijk vraagt dit om bewuste positionering richting stagepartners: dat het begeleiden van studenten méér is dan ze laten meedraaien. Het vraagt aandacht voor pedagogische relaties, voor verschil, voor context.
Concreet zou deze stagepraktijk kunnen veranderen door aan het begin van de stage expliciet ruimte te maken voor een gesprek over stijl, verwachtingen en communicatie. Wat betekent ‘actief zijn’ in dit team? Hoe kunnen verschillende manieren van bijdragen zichtbaar worden gemaakt? Wat is nodig om ieders stem tot zijn recht te laten komen? Door deze vragen niet pas te stellen als het misgaat, maar vooraf en structureel, ontstaat ruimte voor vormen van participatie die nu onzichtbaar blijven.
Bij WOP geloven we dat studenten pas werkelijk leren wanneer ze zich als zelfstandig persoon serieus genomen voelen. Niet als drager van competenties, maar als mens in wording. Dat vraagt van ons lef om het bestaande te bevragen, ook als het ogenschijnlijk goed loopt. Want waar studenten afhaken in stilte, roept de praktijk ons tot spreken. Niet over, maar mét hen. En in die dialoog ligt de kiem van elke pedagogische verandering.
Tekst: Jelle Ris en Carlos van Kan
Illustratie: Tania Meysembourg
Profielen is ook actief op LinkedIn. Volg ons, blijf op de hoogte en praat mee over actuele onderwerpen.






Dit is me uit het hart gegrepen! Ook op de werkvloer geldt dit trouwens, medewerkers ontwikkelen zich, of er zijn live-events…
Daarover de dialoog aangaan binnen de gegeven context van de afdeling lijkt me key!