Bijna herfstvakantie. De wittebroodsweken van de eerstejaars zijn inmiddels zo goed als voorbij. Hun enthousiasme is tanende, en zo ook het mijne. Waar september een maand vol hoop was, is oktober een maand vol realisme. Of depressie, als je wil. De vallende bladeren van de bomen illustreren de eindigheid van alles. En dus ook de eindigheid van het enthousiasme van onze eerstejaars.
In deze week voor de herfstvakantie merken we dat de klassen voor de eerstejaars leger worden. Nu al. Hun motivatie is minder. Hun enthousiasme is minder, het energieniveau lager. Ze zitten er wat lamlendig bij. Stellen minder vragen. Ze lijken nogal moe, na deze eerste, stormachtige weken.
Als ik vraag of ze al zin hebben in de herfstvakantie, gaan alle vingers omhoog. Als ik vraag of ze niet méér les willen omdat ze immers een godsvermogen aan collegegeld hebben betaald, kijken ze me glazig aan. Als ik vraag hoeveel zin ze hebben om hun kennis te vergroten, hun vaardigheden aan te scherpen, zichzelf zo goed mogelijk voor te bereiden op de beroepspraktijk, dan komt er wat gebrom uit de klas. Ze halen nog nét niet hun schouders op.
En dat heeft ook effect op mij. Op mijn collega’s. Ons enthousiasme is niet oneindig. We willen niet trekken aan dode paarden. We krijgen energie van de energie van een klas. Als ik het gevoel heb dat ik tegen een muur sta te praten, dan klap ik dicht. Dan ben ik ook minder gemotiveerd. Lesgeven is een wisselwerking. En ik vraag het me af: waarom deze inzinking, die ieder studiejaar eerder lijkt te komen?
Ja, ik ben voorstander van het terugbrengen van het Bindend Studie Advies. Ja, prima idee om minimaal 60 studiepunten te halen in jaar 1, of anders exit. Inderdaad, verplichte aanwezigheid bij ieder eerstejaarsvak; alleen vrijstelling bij zwaarwegende redenen. Verbied telefoons in de klas. Richt studieverenigingen op voor de verbinding. Zorg voor een bloeiend verenigingsleven. Allemaal maatregelen die bij sommige scholen studiesucces opleveren.
Studenten zeggen vaak grappend dat ik in hun dienst ben omdat ze zoveel collegegeld betalen, maar wat studenten betalen is slechts een fractie van de daadwerkelijke kosten om hen op te leiden. De maatschappij, de belastingbetaler, investeert graag in studenten, want onderwijs is de best mogelijke investering die je als maatschappij kan doen. Maar daar mag best wat tegenover staan: motivatie, leergierigheid, enthousiasme. Je bouwt geen studieschuld op, maar een morele schuld aan de maatschappij. Wees dankbaar dat je onderwijs mag volgen. Zo vanzelfsprekend is dat niet. Vraag maar aan Malala, die zo dapper strijdt voor het recht op onderwijs voor meisjes in Afghanistan.
Tot zover mijn sombere herfstgedachten. Fijne herfstvakantie allemaal!
Profielen is ook actief op LinkedIn. Volg ons, blijf op de hoogte en praat mee over actuele onderwerpen.
De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.
Lees hier alle details over onze spelregels.
Ik herken dat ik als docent energie krijg van een klas. Maar die wisselwerking werkt ook andersom. BSA, verplichte aanwezigheid en een telefoonverbod helpen misschien om studenten in de klas te krijgen, maar niet per se bij nieuwsgierigheid en onze pedagogische taak. Misschien is de dip een signaal en geen probleem. Hoe zie jij dat?