‘Wij zetten het huis klaar, het is aan de mensen en de teams om het in te richten’
Gepubliceerd: 8 September 2026 • Leestijd: 7 minuten en 17 seconden • NieuwsAfgelopen week kwam het document online waarin meer invulling is gegeven aan de organisatie van de domeinen: hoe gaan ze er qua organisatie uitzien? Profielen had er een vraaggesprek over met collegevoorzitter Sarah Wilton-Wels en programmadirecteur Domeinvorming Arjan Lagendaal.

De eerste plannen voor domeinvorming werden zo’n anderhalf jaar geleden met de organisatie gedeeld. Nog steeds hoor je de vraag ‘waarom moeten we geloven dat deze grote reorganisatie daadwerkelijk beter onderwijs, beter onderzoek en een betere hogeschool oplevert? De cmr adviseerde eerder om een ‘veranderverhaal’ op te stellen. Zoeken jullie naar (meer) draagvlak, en hoe?
Sarah Wilton-Wels (SWW): ‘Het hoort erbij dat mensen kritische vragen stellen. Sterker nog: je moet je zorgen maken als ze dat niet doen, want dan ga je blijkbaar niet écht iets anders doen. Het veranderverhaal startte met de strategische agenda. Als je er met mensen over praat wordt het geleidelijk “van iedereen”. Dat gaat niet altijd lineair, de een is eerst enthousiast en later wat kritischer, de tegengestelde beweging zie je ook.
Het weerhoudt ons er niet van deze stap te zetten. Er zijn ook echt weinig principiële bezwaren tegen de samenwerking van onderwijs en onderzoek, mensen stoeien vooral met het hoe en de weg er naartoe. En het is ook niet makkelijk. Als organisatie kun je dit ook vaak uitstellen. Je doet het alleen als je er heilig in gelooft, niet omdat je denkt “dit is best een aardig idee”.’
‘Het hoort erbij dat mensen kritische vragen stellen. Sterker nog: je moet je zorgen maken als ze dat niet doen, want dan ga je blijkbaar niet écht iets anders doen.’
Sommige collega’s zeggen ook dingen als: ‘Ik heb liever dat het college het een bezuiniging noemt, ik begrijp echt wel dat de bomen niet meer tot in de hemel groeien’.
SWW: ‘Ik vind het jammer – maar ook begrijpelijk – dat deze vraag steeds gesteld wordt. Het is echt geen bezuiniging. Dat kun je zien door onze meerjarenbegroting te bekijken, daar is geen taakstelling in opgenomen voor de domeinvorming.’
Arjan Lagendaal (AL): ‘Ook in de documenten vind je geen taakstelling in de vorm van een financiële reductie, en er staat ook geen financiële doelstelling in de kwartiermakersopdracht.’
SWW: ‘Ik begrijp dat het misschien makkelijker te accepteren is als mensen een “externe oorzaak” zien. Het is niet de weg van de minste weerstand om zo’n verandering uit te leggen met inhoudelijke redenen. Het is aan ieder individu om dat dan te geloven of niet.’
AL: ‘In de buitenwereld zijn reorganisaties natuurlijk vaak gekoppeld aan geld, daardoor ligt het ook min of meer voor de hand dit te denken. Maar in dit geval is de reorganisatie gekoppeld aan inhoud en niet aan geld.’
‘In de buitenwereld zijn reorganisaties natuurlijk vaak gekoppeld aan geld, maar in dit geval is de reorganisatie gekoppeld aan inhoud.’
SWW: ‘Er komen overigens wel zwaardere tijden aan, in de toekomst kan dat tot ingrijpen leiden, los van de domeinvorming. Dat kun je als bestuurder nooit helemaal uitsluiten. De kans bestaat dat mensen dan zeggen: “Zie je wel, het was toch een bezuiniging”. En er zijn op dit moment instituten die financieel niet gezond zijn, dat is ook zeker waar.’
Er is ook kritiek geweest op de beperkte tijd voor participatie. Welke inhoudelijke feedback uit bijvoorbeeld de klankbordgroepen heeft geleid tot aanpassing van de plannen?
AL: ‘We hebben vooral verduidelijking toegevoegd naar aanleiding van de feedback, op enkele punten zijn de plannen aangescherpt; in de bijlage bij de plannen staat voor verschillende punten uit de klankbordsessies wat ermee is gedaan.’
SWW: ‘We hebben bijvoorbeeld uitgewerkt wat de domeinvorming concreet betekent voor studenten, docenten, en andere groepen binnen de HR. Na de eerste focusmiddag met managers hebben we al snel de internetconsultatie vormgegeven, in overleg ook met de cmr. Het is ons een lief ding waard om dit jaar duidelijkheid te kunnen geven over de domeinvorming – we horen ook geluiden dat het allemaal best sneller mag. Daarom hebben we met de cmr afgesproken dat de internetconsultatie parallel aan de beeldvormingsfase van de cmr plaatsvindt. De tijdlijn kan nog schuiven, maar de cmr heeft veel tijd (tot december, red.) gekregen dus we gaan niet uit van uitstel. Het is zoeken naar een balans tussen tijd voor participatie en snelle besluitvorming. Want je wil mensen ook niet te lang in onzekerheid laten.
‘Het is zoeken naar een balans tussen tijd voor participatie en snelle besluitvorming. Want je wil mensen ook niet te lang in onzekerheid laten.’
Uit de klankbordgroepen kwam ook de vraag hoe de samenwerking onderwijs en onderzoek goed gaat werken; dat is in de fijnstructuur verder uitgewerkt. Er waren ook punten die nu in de fijnstructuur nog niet worden behandeld, die worden meegenomen naar het startdossier voor de transitiefase (de periode die start als de cmr instemt met voorliggende plannen red.).’
AL: ‘En de participatie eindigt niet bij het het indienen van de instemmingsaanvraag, de gesprekken lopen door, er komen weer online informatiebijeenkomsten aan, focusdagen voor managers, meet-ups, nieuwsbrieven.’
Het verdwijnen van de instituutsmedezeggenschapsraden en het inspraakorgaan kenniscentra, terwijl de boogde domeinraden nog niet functioneren, wordt in het stuk genoemd als risico; hoe gaan jullie met dat risico om?
AL: ‘Dat risico hebben we beschreven en we hebben hiervoor een overgangsregeling voorgelegd aan de cmr, waarmee de raad akkoord is gegaan. Er komen tijdelijke domeinraden, met afgevaardigden uit de huidige imr’en en het iok. Nadat de cmr heeft ingestemd met de plannen voor de domeinvorming komen er verkiezingen voor de definitieve domeinraden.’
‘Er komen tijdelijke domeinraden, met afgevaardigden uit de huidige imr’en en het iok.’
Welke concrete resultaten moeten over vijf jaar gehaald zijn om te kunnen zeggen dat deze domeinen beter hebben gewerkt dan de oude structuur? Op dat gebied geeft de fijnstructuur vooralsnog geen harde doelstellingen in bijvoorbeeld studiesucces, concrete samenwerkingen tussen onderwijs en onderzoek of in financiële termen.
SWW: ‘Ik hoef denk ik niet uit te leggen dat er enorm veel factoren meespelen; bij het meten van resultaten kan je niet zonder meer zeggen dat veranderende resultaten alleen komen door de domeinvorming.
De domeinvorming beoogt onder meer dat we aantrekkelijk blijven als werkgever, het studiesucces verbetert. Dat zijn indicatoren. Er is ook het nieuwe ankerpunt integrale samenwerking, we denken na hoe we dat meetbaar kunnen maken.’
AL: ‘De ambities in de vastgestelde visie en ambitie praktijkgericht onderzoek blijven; de domeinvorming kan een bijdrage leveren aan het realiseren hiervan.’
SWW: ‘Grote bewegingen moet je de tijd geven. Mijn collega van de Hanzehogeschool – zij zitten in een soortgelijk proces als wij maar zijn er iets verder mee – bereidde in zijn jaaropening de organisatie voor op “kinderziektes”. Die ga je krijgen bij een grote kanteling.’
AL: ‘De organisatie moet zich realiseren dat we nu alle randvoorwaarden scheppen, maar dat het per 1 september 2027 niet ineens af is.’
‘De organisatie moet zich realiseren dat we nu alle randvoorwaarden scheppen, maar dat het per 1 september 2027 niet ineens af is.’
Hoe wordt voorkomen dat opleidingen hun eigen identiteit verliezen binnen grotere domeinen? Vooral bij de (autonome) kunstopleidingen zijn hier zorgen over. Hoe verhoudt (autonome) kunst zich bijvoorbeeld tot de maatschappelijke opgaven die steeds meer centraal staan? En tot de meer technische opleidingen in het domein?
SWW: ‘Het is een groot goed om die identiteit te bewaken en hier zijn collega’s ook zelf bij. Wij zetten het huis nu klaar, en het is aan de mensen en de teams om het in te richten, en er anderen ook van te laten genieten. In het domein met de werktitel Design (eerst: Design Academy, red.) is veel aandacht voor die eigenheid. Het is aan ons, zegt ook Una Henry (kwartiermaker van het genoemde domein, red.) om de pareltjes binnen de WdKA te laten werken voor anderen, die kunnen enorm inspireren. Ik heb het idee dat ze daar goede gesprekken over voeren.’
AL: ‘We hebben ons natuurlijk ook tot het landelijk kader te verhouden, de domeinvorming is geen grote stofzuiger die alle opleidingen opzuigt.’
SWW: ‘Voor de studenten blijft de eigen opleiding in tact, je locatie, je klas: het blijft hetzelfde. In het overzicht van wat de domeinvorming betekent voor studenten staat onderwijskwaliteit op 1. Daar willen we niets op inboeten.’
‘In het overzicht van wat de domeinvorming betekent voor studenten staat onderwijskwaliteit op 1. Daar willen we niets op inboeten.’
Het nieuwe document laat zien dat de Rotterdam Academy verdwijnt, maar dat onder meer merknaam, overlegstructuren en ondersteuningsstructuur vooralsnog deels blijven bestaan. Botst dat niet met het integreren van de Ad’s in de domeinen?
SWW: ‘Dat de RAC een eigen gezicht behoudt vinden we heel belangrijk, de zorgstructuur, de sterke merknaam, het convenant met Albeda en Zadkine… we zien dat het ook belangrijk is voor studenten dat identiteit, zorg en herkenbaarheid blijven. Het is niet nodig de domeinvorming te zien als het inleveren van de kroonjuwelen. Tegelijkertijd is er verwantschap tussen ad- en bacheloropleidingen en kunnen ze over en weer van elkaar leren.’
Het document bevestigt dat 37 managementfuncties, rond de 40 procent, in de laag onder de domeindirecteuren, verdwijnen. Welke gevolgen heeft dat voor werkdruk en ondersteuning van medewerkers?
SWW: ‘Voor de individuele medewerkers die geraakt worden door boventalligheid is dat heel pijnlijk, en we willen hen zo goed mogelijk begeleiden naar een volgende stap. De kwartiermakers hebben de inhoudelijke keuze gemaakt voor compactere managementteams, die een meer strategische rol krijgen. Dat betekent dat er in de laag daaronder taken moeten worden opgevangen, door teamleiders. Daar vang je dus een stuk werkdruk mee op. De nieuwe functie of rol van teamleider is een separaat dossier waarvan wij als college zeggen dat we met verschillende modellen uit de voeten kunnen. Op andere hogescholen zien we de functie al in allerlei “smaken”. We vragen nu van de raad instemming op de fijnstructuur, niet op de exacte invulling van de functie teamleider. Er is ook voor de domeinraad ruimte om daarover mee te denken.
‘De kwartiermakers hebben de inhoudelijke keuze gemaakt voor compactere managementteams, die een meer strategische rol krijgen.’
De komende periode wordt wat werkdruk betreft spannend. Net als de kwartiermakers (waarvan 4 van de 5 nu ook nog steeds directeur zijn van een instituut of kenniscentrum, red.) krijgen de domeinmanagers eigenlijk tijdelijk twee functies, en dat moet je niet te lang doen. Uiteraard is goede ondersteuning belangrijk. Wat we ook voorstellen is dat er een overgangsregeling komt voor uitgespiegelde managers (de managers die na toepassing van het afspiegelingsbeginsel boventallig worden, red.). Zij kunnen in die transitiefase hun kennis delen. We moeten daarover nog afspraken maken met de vakbonden, en de mensen moeten er zelf ook zin in hebben.’
Tekst: Edith van Gameren
Foto’s: Hogeschool Rotterdam
Profielen is ook actief op LinkedIn. Volg ons, blijf op de hoogte en praat mee over actuele onderwerpen.






Vergeet het Da Vinci college niet. Ad Engineering is ooit ontwikkeld door hogeschool Rotterdam en het Da Vinci college samen. Zie: https://www.cdho.nl/application/page/?id=275