KOS-lector Ton Notten vertrekt… en blijft
Gepubliceerd: 1 November 2011 • Leestijd: 3 minuten en 0 seconden • Interview Dit artikel is meer dan een jaar oud.Profielen maakt de balans op met Ton Notten, scheidend lector van de kenniskring Opgroeien in de Stad (KOS). Hoe staat het met het onderwijs en de jeugdzorg in Rotterdam? Wat heeft de kenniskring eraan bijgedragen? En zal hij als pensioengerechtigde de HR missen? ‘Nee, want ik blijf!’
Ton Notten hield zich als lector bijna tien jaar bezig met opvoeden en opgroeien in de stad Rotterdam. Daarvoor en daarnaast werkte hij als professor agogiek en sociale pedagogiek op verschillende onderwijsinstellingen. ‘Maar ik kan oprecht zeggen dat ik nog nooit zo’n aardige baan heb gehad als hier in Rotterdam. De Universiteit van Amsterdam, de Hogeschool van Amsterdam en de Vrije Universiteit Brussel steken daar enigszins bij af.’
Vleermuisouders en andere problemen
Het sluitstuk van zijn carrière wordt ‘een heel dik boek’ getiteld Vleermuisouders. ‘Dat zijn van die ouders die altijd bovenop hun kinderen zitten, alles in de gaten houden, overbetrokken zijn en liefst een DSM-5 diagnose willen voor hun kind: ADHD of iets dergelijks.’ Aan de andere kant van het spectrum heb je ouders die niet eens weten op welke school hun kind zit. Hoe betrek je hen erbij? Twee promovendi binnen KOS zijn momenteel met dit vraagstuk bezig.
Het onderwijs kampt met veel meer problemen. Notten is sceptisch: ‘Het kabinet wil dat Nederland in 2025 tot de top 5 van de wereld behoort wat betreft kenniseconomie. Dat kan nooit gehaald worden met de huidige onderwijsinspanningen. Nederland zit onder de OESO-norm voor wat betreft het percentage van het BBP (Bruto Binnenlands Product, red.) dat aan onderwijs wordt uitgegeven. En er komt geen rooie cent bij. Terwijl je juist in crisistijd moet investeren in het onderwijs!’ Verder over onderwijs: ‘Er is de afgelopen 25 jaar ontzettend veel kapot gemaakt. Met name de kinderen van allochtone en lager opgeleide ouders zijn daarvan de dupe. De onderwijskundigen hebben een trend gezet met doe-het-zelf, het nieuwe leren, klassen afschaffen. Het is buitengewoon naïef gedacht dat jonge kinderen uit zichzelf zullen doen wat goed voor hen is. Je moet nu eenmaal ont-zet-tend goed je best doen om hogerop te komen. Als je hierin niet vanuit thuis wordt begeleid en geprikkeld, en ook niet op school, dan gebeurt het dus niet. De mens is een gebrekkig wezen en moet overal mee geholpen worden.’
Welke effecten zullen de bezuinigingen en de harde aanpak van dit kabinet in Rotterdam hebben op het gebied van onderwijs en jeugd? ‘In het regeer/gedoogakkoord staat buitengewoon weinig over jeugd. Zo komt het jeugdstrafrecht aan de orde, met strenger straffen – wat bewezen niet helpt. Voor de vijfennegentig procent van de Nederlandse jeugd die niet crimineel is, staan de meest elementaire voorzieningen wat betreft onderwijs en jeugdzorg onder druk.’
Rotterdam jongerenstad
‘Ondanks het landelijke beleid weet Rotterdam er altijd wat van te maken. De stad heeft veel oog voor opgroeiende jongeren. Hier wordt een aanzienlijk nuchterder toon aangeslagen dan in de rest van Nederland. Duizenden professionals werken uitstekend samen en zijn overal bezig: in de stad, op straat, in de scholen en wijken. Jongeren zijn in het verleden verwaarloosd door de gemeente. Dat houdt een keer op, dat hebben we wel gemerkt met de rellen in 1998 en 2002.’ Notten is zeer enthousiast over wat de kenniskring de afgelopen jaren heeft bijgedragen. ‘Intern was vooral de samenwerking met de masteropleiding pedagogiek ontzettend prettig. Masterstudenten hebben samen met de kenniskring ruim tachtig onderzoeken gedaan, bijvoorbeeld naar voortijdig schoolverlaters. Een zeer effectief project, uitgevoerd door een jeugdwerker die honderd casussen nauwgezet volgde.’ Trots is hij ook op de projecten in het kader van de herstructurering van Zuid, het Pact op Zuid. ‘Wij waren al bezig met de professionalisering van de toekomstige leraren van een brede school op Zuid toen het beton van die school nog gestort moest worden.’ In zijn laatste jaar heeft Notten nog net de centralisatie van de kenniskringen meegemaakt.
Wat vindt hij van die wijziging? ‘In de nieuwe structuur hebben kenniskringen meer kans om kwalitatief heel goed onderzoek te verrichten. Voor het versterken van de strikte kwaliteit van het onderzoek zou het kunnen werken. Voor wat betreft de andere ambities van de kenniskringen, namelijk het laten landen van kennis in het onderwijs en de professionalisering van docenten, moet ik het nog zien.’
Notten blijft op verzoek anderhalve dag per week actief voor de HR. ‘Dat wilde ik maar al te graag. Ik blijf lesgeven, schrijven en een paar interessante promovendi begeleiden. Ik ben wel opgelucht dat ik van bureaucratische en managementklussen af ben. Dat zal ik zeker níet missen.’
Sabine Schipper
Ton Notten neemt op 24 november afscheid met een symposium.
Wie : Ton Notten (1946)
Wat : lector van het eerste uur (2002). Notten werkte bijna tien jaar bij de kenniskring Opgroeien in de Stad.
Ook: professor bij de Vrije Universiteit Brussel
Nieuwste boek : Vleermuisouders en pedagogiek






Laat een reactie achter
Spelregels
De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.
Lees hier alle details over onze spelregels.
Aanbevolen door de redactie
Langstudeerders finance & control helpen elkaar over de eindstreep: ‘Zonder deze twee had ik het niet gehaald’
Ingezonden: We moeten AI pauzeren en niet normaliseren op de Hogeschool Rotterdam
Ahmetcan laat studie niet door AI doen, maar studeert samen mét AI
Back to Top