Een emotie duurt slechts 90 seconden. Emoties houden langer aan als we ze voeden of onderdrukken. Ziedaar de veroorzaker van vele problemen in de wereld: onze razendsnelle reactiviteit. Hoe doorbreek je dit?
Als iemand mij in het verkeer in gevaar brengt door een ondoordachte actie, is dat een garantie voor vloedgolf aan boosheid, frustratie en verontwaardiging. Fysiek is die golf voelbaar als kolkende lava in mijn buik.
Tegelijk zijn er direct minimaal drie oordelen en verwensingen opgekomen. ‘Tuurlijk! Weer een Volkswagen Golf-rijder! Je bent zeker zo’n kleinzielig mannetje dat iets te compenseren heeft! En die auto zal ook wel gestolen zijn! Nou, ik hoop dat je…’ De kans is aanzienlijk dat ik dit ook hardop en vergezeld met de claxon uitroep. Mijn lijf warm, hoofd verhit en hartslag hoog.
Het is een typisch voorbeeld van zo’n razendsnelle reactieve respons. Het begint met gedachten, direct gevolgd door emotie en vervolgens een fysiologische reactie. En hier zit hem de crux en het grote misverstand. Je verstaat die gedachten, de emotie en de fysieke reactie aanvankelijk als waarheid. Ik denk, voel en ervaar dit, dus het is waar. Het is logisch en acceptabel dat ik zo reageer. Neen.
Een emotie is enkel een chemische reactie. Dát is een feit. De ontdekker van de 90-secondenregel – Dr. Jill Bolte Taylor – stelt dat de chemische reactie van een emotie in theorie na 90 seconden min of meer is uitgewerkt. Dat je minuten, uren, dagen, weken of langer die emoties (over dezelfde situatie) blijft ervaren, doe je helemaal zelf. Het is je linker breinhelft die de vliegensvlugge reactie veroorzaakt, en jij bent het die op die trein springt.
Hoe hieraan te ontsnappen? Je rechter hersenhelft inzetten! Kom weer even op mijn bijrijdersstoel zitten. Ik word dus afgesneden. Er is een schrikreactie. De eerste stap om te zetten is dat ik opmerk dát ik schrik, dat er boosheid, verontwaardiging en frustratie zijn en dat er allerlei gedachten zijn. Die opmerkzaamheid komt in plaats van reageren en gedachten en oordelen produceren.
In de tweede stap stel ik mezelf vooral vragen. Wat maakt dat ik dit nu ervaar? – Ik schrok want een andere weggebruiker bracht me even in gevaar. Is wat ik ervaar waar? – Het is begrijpelijk dat ik schrok en dat dit emoties veroorzaakt. Maar mijn gedachten zijn geen feiten.
De derde stap is dat je de ervaring vooral observeert en er niet in opgaat of voedt terwijl je deze laat uitdoven. Daar rustig bij ademhalen helpt.
En dus vraag ik mij af: weten wereldleiders dit? En zo niet: waarom helpt niemand hen hierbij? Want een ding weet ik zeker: iedereen voelt zich en heeft het beter als we deze wetenschap toepassen.
Laat een reactie achter
Spelregels
De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.
Lees hier alle details over onze spelregels.
Back to Top