Ik vind het gebruik van sportmetaforen in een organisatiecontext altijd wat geforceerd. Toch zie ik er in het wielrennen een hoop die van toepassing zijn op de afgelopen periode.
In maart begroette ik de man met de hamer. Hij raakte me weliswaar niet maar bleef dicht op mijn wiel en ik kreeg hem aanvankelijk moeilijk gelost. Tegelijk was ik gevoelsmatig op kop aan het sleuren. Alle ingrediënten voor een krakje. Gelukkig ken ik de signalen en weet ik wat te doen staat om dat te voorkomen.
Ik merkte dat de balans in werk en privé niet meer in evenwicht was. Het voelde alsof ik herhaaldelijk lek reed en zelden even in het wiel kon zitten. Zoals in een wielrenteam iedereen een specifieke rol heeft, was ik er meerdere tegelijk aan het invullen. Sprinter, kopman, klimmer, aanvaller, knecht: het legde voor mij twee zaken bloot.
Allereerst duidde het de ontwikkeling waarin we als afdeling zitten in de context van de huidige transitie. Opnieuw reflecterend op de eigen rol en taak in relatie tot de strategische doelen en keuzes die worden gemaakt en hoe we studenten nu en straks het beste ondersteunen. Het is door die situatie en de vraagstukken die het met zich meebrengt soms ook simpelweg een kwestie van de bus halen.
Daarnaast deed het me beseffen dat het innemen van die verschillende rollen an sich het probleem niet is, maar dat je het steeds bewust, weloverwogen en afgestemd moet doen. Zoals een renner die een oortje in heeft en uit de wagen hoort wat nodig is. Dat we als afdeling meer als een peloton mogen en kunnen zijn. En dat ik zelf soms meer de sprint mag aantrekken en als de lead-out mag zijn.
‘De Tour win in je in bed’, zei Zoetemelk ooit. Voldoende rust is cruciaal voor grootse prestaties. Een boodschap die ik me aantrek, en – naar ik hoop – ook de HR zelf. Want werd in de afgelopen Tour de France weer een nieuw overall snelheidsrecord gevestigd met 43,3 km (!) per uur gemiddeld, de domeinvorming en alles wat ermee samenhangt gaat minstens zo snel. Dat vraagt het uiterste van alles en iedereen: materiaal, mensen, organisatie. We moeten op al die niveaus waken dat we niet het slachtoffer worden van een Chasse Patate (een kansloze actie waarbij één renner vanuit het peloton naar de kop(groep) demarreert en halverwege blijft hangen, red.) en de aansluiting niet meer vinden terwijl alle energie weglekt.
Ik zag met tranen in de ogen hoe Van der Poel tot het uiterste ging en zich de vernieling in reed in Parijs. Inspirerend en een waarschuwing tegelijk. Topsport is niet gezond maar wel PRACHTIG! Laten we vooral voldoende blijven uitbollen na een sprint of demarrage, zowel studenten als de HR zelf. We hoeven en kunnen niet allemaal als Van der Poel zijn.
De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.
Lees hier alle details over onze spelregels.
Mathieu van der Poel gaat om ‘uit te bollen’ na een periode hard trainen en presteren vaak naar de golfbaan. Daar wil hij ook winnen, dat wel…