Meer studenten moeten van hun eilandjes af om grote maatschappelijke vragen op te lossen
Gepubliceerd: 10 July 2025 • Leestijd: 4 minuten en 9 seconden • Nieuws Dit artikel is meer dan een jaar oud.In 2028 moet dertig procent van de studenten in jaar drie aan ‘discipline-overstijgend opgavegericht onderwijs’ meedoen, afgekort DOO. In de praktijk wordt er op verschillende plekken op de HR al op die manier gewerkt. Hoe gebeurt dat, en kan en moet het bij alle opleidingen?

Wat is DOO?
Disciplineoverstijgend Opgavegericht Onderwijs, oftewel: DOO, draait om maatschappelijke vraagstukken (‘opgaves’) die bijna altijd complex zijn. Daarom is het vaak niet mogelijk of zinnig ze vanuit één invalshoek of vakgebied te benaderen. Denk aan de opgave om van al de plastic troep af te komen. Daarbij speelt de technisch kant van het recyclen maar kun je ook kijken naar regelgeving en communicatie maar ook naar marketing en ontwerp. Dus komen studenten van verschillende opleidingen ‘van hun eilandjes’ en werken samen (‘disciplineoverstijgend’) aan zo’n vraagstuk.
Binnen de HR zijn al talrijke voorbeelden van die aanpak. Het cvb zet met de strategische agenda echter een tandje bij op dit onderwerp en wil dus over drie jaar dertig procent van de studenten in semester 6 (de tweede helft van jaar 3) aan dergelijke opdrachten laten werken.
Niet slechts een technisch vraagstuk
Peter van Waart, themacoördinator van de maatschappelijke opgave ‘slimme en sociale stad’ bij de HR, vertelt hoe DOO uitpakt bij het ‘financieel paspoort’. Daar zijn studenten van verschillende opleidingen bij betrokken. Het financieel paspoort is een app van de gelijknamige stichting die het landelijk uitrolt, nu ook in Rotterdam-Zuid. Dat gebeurt met hulp van studenten van de HR. De uitrol blijkt niet slechts een technisch vraagstuk.
De app geeft mensen financieel inzicht, en wijst de weg naar voorzieningen die ze kunnen aanvragen, bijvoorbeeld op het gebied van armoede of werken en leren. Van Waart: ‘In de praktijk blijkt dat veel mensen dat niet zo zelfstandig kunnen als verwacht. Tegenover zelfredzaamheid stelden we “samenredzaamheid”: mensen blijken steun nodig te hebben van gelijkgestemden en social workers.’
De app is meer dan alleen techniek en dus heb je niet alleen informatici nodig, vat Van Waart samen. Onder meer de toeslagenaffaire heeft mensen huiverig en wantrouwend richting de overheid gemaakt om toeslagen en subsidie aan te vragen. Van Waart: ‘Daarom is het goed om social workers en ook communicatiestudenten te betrekken; niet zozeer voor marketingcommunicatie maar juist om een narratief te ontwikkelen dat mensen vertrouwen geeft’.
‘Op zoek naar opgaven die voor beiden interessant zijn’
De opleiding social work heeft in de gezondheidszorgopleidingen een meer ‘natuurlijke DOO-partner’, geeft docent Jos Verweij (IvG) aan. ‘Studenten zien gezondheidszorg en social work als twee verschillende werelden, maar het sociale stuk hoort er gewoon bij. Wij zijn dan ook op zoek gegaan naar opgaven die voor beiden interessant zijn.’
Het leidde tot een samenwerking met 900 studenten, in het afgelopen semester. Studenten van de opleidingen fysiotherapie, ergotherapie, logopedie, medische hulpverlening, verpleegkunde, en social work die eraan meedoen krijgen vijf studiepunten voor activiteiten in het semester die vallen onder de noemer ‘TransProfessioneel Samenwerken’.
‘Studenten zien gezondheidszorg en social work als twee verschillende werelden, maar het sociale stuk hoort er gewoon bij.’
Een van de opdrachten bracht studenten in comfortwoningen in Rotterdam. Verweij: ‘Ouderen die bijvoorbeeld slecht ter been zijn kunnen langer zelfstandig in hun eigen woning blijven wonen dankzij het inzetten van domotica en e-health-ondersteuning in huis, zoals lichtsensoren, slimme speakers, robotstofzuigers en medicijndispensers. In een comfortwoning kunnen ouderen kennismaken met de mogelijkheden’.
De studenten social work richtten zich op het verbeteren van het algehele welzijn van patiënten en cliënten, ze begeleiden ze bijvoorbeeld met de financiële en psychische problematiek waar ze mee te kampen hebben of krijgen. Studenten van de gezondheidszorgopleidingen maken in de comfortwoningen kennis met de mogelijkheden van het toepassen van domotica en e-health ondersteuning binnenshuis, en kunnen zo hun (toekomstige) cliënten en patiënten beter ondersteunen in het maken van de juiste keuzes.
DOO niet overal een verplichting
Het uitgangspunt van DOO is dat elke student in elk geval de mogelijk moet hebben om eraan deel te nemen. ‘Aan DOO doen’ is geen verplichting voor studenten en voor sommigen is het misschien ook een logische keuze om het niet te doen. ‘Bij informatica zie je dat sommige studenten vooral “aan” gaan op de technische verdieping (en bijvoorbeeld alleen maar willen programmeren, red.) en daarin willen groeien’, vertelt Mirjam den Boer, projectleider DOO bij CMI. ‘Terwijl andere studenten het juist interessant vinden om de wereld buiten hun discipline te verkennen en te werken aan maatschappelijke vraagstukken.’
Bij de opleiding accountancy is er, omdat de student toewerkt naar een gecertificeerd diploma met landelijke eisen, in het reguliere onderwijsprogramma beperkt ruimte voor DOO. ‘Maar binnen de minor doen wij al langer aan DOO’, vertelt Miranda Jansson, hoofddocent accountancy. ‘Zo werken we al jaren samen met opleidingen zoals technische bedrijfskunde en automotive op het thema circulaire economie. Waar mogelijk sluiten studenten ook aan bij programma’s, zoals “doing business with impact”. Maar in het verleden hebben we zelfs projecten gedaan met IvG.’
Logistieke puzzels
Bij de finance-opleidingen vindt men het sowieso ‘ingewikkelder’ om aan te sluiten, ziet Steffie Theuns van de projectgroep DOO. ‘Maar áls hun studenten dan meedoen, doen ze het wel echt heel goed’. Theuns geeft als voorbeeld finance & controlstudent Carlijn Snippe. Zij won met twee andere studenten vorig jaar een van de Toekomstmakers Awards voor het ontwikkelen van een inkooptool die bedrijven bij het inkopen helpt met het maken van duurzame keuzes.
‘De vraag is soms ook of je studenten van verschillende opleidingen tegelijk aan iets moet laten werken, of opvolgend.’
Los van de inhoudelijke mogelijkheden en onmogelijkheden van samenwerkingen, zijn er ook logistieke puzzels te leggen. Puzzels die raken aan het ingezette hogeschoolbeleid waarbij wordt gestreefd naar meer standaardisatie. Theuns praat daar met betrokkenen over. ‘Er zijn veel mooie initiatieven en ideeën maar er zijn ook verschillen tussen opleidingen en instituten, bijvoorbeeld in studiepunten en in het inschrijfproces. De vraag is soms ook of je studenten van verschillende opleidingen tegelijk aan iets moet laten werken, of opvolgend.’
Theuns: ‘Hogeschoolbreed zien we dat er een hoop gebeurt en dat er op verschillende plekken dingen goed gaan. En op andere plekken loopt het wat stroever’.

Tekst: Jos van Nierop
Illustratie: Demian Janssen
Lees ook
Profielen is ook actief op LinkedIn. Volg ons, blijf op de hoogte en praat mee over actuele onderwerpen.






Laat een reactie achter
Spelregels
De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.
Lees hier alle details over onze spelregels.
Aanbevolen door de redactie
Langstudeerders finance & control helpen elkaar over de eindstreep: ‘Zonder deze twee had ik het niet gehaald’
Ingezonden: We moeten AI pauzeren en niet normaliseren op de Hogeschool Rotterdam
Ahmetcan laat studie niet door AI doen, maar studeert samen mét AI
Back to Top