Ga direct naar inhoud
Profielen | Profielen translated
27 juni 2022

Zwart logo Profielen

Onafhankelijk nieuws van de Hogeschool Rotterdam

Wat bindt ons nog als alles is gedecentraliseerd?

Gepubliceerd: 21 September 2016 • Leestijd: 2 minuten en 6 seconden • Nieuws Dit artikel is meer dan een jaar oud.

De strategische agenda van de HR gaat over de docenten die het voor het zeggen moeten hebben. Ofwel professionele autonomie. De centrale medezeggenschapsraad (cmr) ging er gistermiddag over in gesprek met het collegebestuur.

‘Een mooi gebaar en een mooie uitdaging.’ Zo noemt student cmr-lid Selcuk Durak het decentralisatie-idee van collegevoorzitter Ron Bormans. ‘Maar als alles dan sterk gedecentraliseerd is, wat bindt ons dan nog als hogeschool?’ Collega-studentlid Iris de Jong stelde het nog iets scherper: ‘Ik voel mij verbonden aan mijn instituut EAS. Moet je je echt binden aan de hele hogeschool?’

Eén kloppend hart

Je kunt je toch op verschillende niveaus binden? luidde de wedervraag van collegelid Angelien Sanderman. ‘Je bent met elkaar één hogeschool.’ Wat de hogeschoolgemeenschap bindt, is ‘de Rotterdamse context, inclusiviteit en ook de manier waarop we onderwijs verzorgen’. Sanderman: ‘Dat verbindende moeten we nog verder specificeren. We zijn één kloppend hart, maar dat komt nog niet genoeg aan de oppervlakte.’

Bormans: ‘Ik denk zelf dat we het verhaal moeten opbouwen vanuit de student. Voor hem bestaat de hogeschool uit zijn collegastudenten, vijftien docenten en iemand die hem helpt. Je merkt dat de school inclusief is, een plek is waar je je thuis voelt. Maar dat is nog niet overal het geval.’

Uit je instituut schoppen

Het verbindende ziet de collegevoorzitter ook nog op een andere manier. Bormans: ‘Ik hoop dat studenten zich binden aan hun instituut, maar dat het instituut ze er tegelijkertijd af en toe uitschopt. Dat je als EAS-student bijvoorbeeld ook eens bij CMI of CoM gaat kijken.’

In de vergadering bleef de metafoor van het kloppende hart nog even hangen. Bormans: ‘Een hart dat een pomp is, maar ook een ziel, en ik ga vooral voor dat laatste: het hart is de ziel van de school.’

‘Maar’, reageerde cmr-lid en docent Ayman van Bregt: ‘Die ziel moet niet geremd worden. Vorige week was ik thuis aan het werk en deed mijn digipas het niet meer; mijn ziel wilde de mails van studenten beantwoorden maar ik moest voor die digipas per se naar een balie komen…’

Regels opruimen

Bormans: ‘We moeten ons afvragen welke van dit soort regels we moeten opruimen en welke we beter moeten naleven. De regels zijn niet wat ons bindt maar ze zijn nodig om de docenten goed te faciliteren.’

En de docenten moeten zich dus autonomer gaan gedragen. Cmr-lid Maartje Fokkema: ‘Dat is heel belangrijk, maar wat verstaan we eronder?’ Tja, dat kan uiteraard niet worden opgedragen door het collegebestuur. Bormans: ‘Het zou mooi zijn als bijvoorbeeld dertig docenten dat nou eens voor zichzelf opschrijven. En dat jullie, de docenten, met ideeën komen en dat jullie als professionals dat dan met elkaar bespreken.’

Geen vrijheid-blijheid

Niet voor het eerst wijst Bormans op het onderwijsexperiment in de propedeuse bij het instituut CoM. Het docententeam kwam met de ideeën om het onderwijs veranderen en dat werd omarmd door directie en collegebestuur. Bormans: ‘Dat is een groot succes omdat ze de vrijheid voelen de goede dingen te doen.’ Dat is overigens wat anders dan vrijheid-blijheid, benadrukt Sanderman. ‘De docenten zullen wel verantwoording moeten afleggen, ook naar hun naaste collega’s.’

Jos van Nierop

Recente artikelen

Reacties

Laat een reactie achter

One Response to Wat bindt ons nog als alles is gedecentraliseerd?

  1. Als aanvulling op dit artikel wil ik benadrukken dat ik het belang van het mechanische hart ter vergadering heb onderstreept. Zonder deze mechanische functie gaan alle psychische, psychologische, emotionele, etherische etc. functies van het hart rap ter ziele.
    Onze set van hogeschoolbrede afspraken heeft deze mechanische functie. Niet dat ik verandering in de richting van meer autonomie voor nog professioneler werkende docenten zou willen tegenhouden, integendeel. Zonder voldoende autonomie van de docent is bloeiend onderwijs niet goed mogelijk.
    Voorlopig geeft het College van Bestuur nog slechts de richting aan van decentralisatie en dan ook nog radicaal. Ik denk dat de woorden decentralisatie en radicaal bij velen gevoelens van onzekerheid genereren. Onzekerheid is een van de meest ziek makende emoties die vaak angst veroorzaakt. Onzekerheid en angst kunnen weer verlammend werken. Dat is contraproductief. De hogeschool als meer inclusieve, warme organisatie voor studenten en medewerkers raakt wellicht verder uit het zicht.
    Het is dan ook van het grootste belang om naast het ideële beeld van onze hogeschool zo snel mogelijk vast te stellen hoe het mechanische hart van de organisatie er uit zou kunnen zien om de organisatie zo goed mogelijk te dienen. Deze set van afspraken is geen doel op zich maar absolute voorwaarde om de belangrijke problemen en vraagstukken van o.a. onze hogeschool uiteindelijk het hoofd te bieden.
    Het tempo, de volgtijdelijkheid en het globale overzicht van de verschillende stappen in het veranderingsproces, wat tot beter en succesvoller onderwijs voor alle groepen binnen de hogeschool moet leiden, zijn daarbij cruciaal.
    Terecht nodigt het CvB uit en roept het op om collega’s in beweging te doen komen en ideeën te ontwikkelen. Uiteindelijk zullen zij het onderwijs zelf een meer succesvollere vorm moeten geven. Daar kan en mag het echter niet bij blijven. Regeren is immers vooruit zien en richting geven. Onze organisatie is lange jaren gekenmerkt door een duidelijke top down aansturing. Nu slaat het college de weg in van meer ideeontwikkeling vanaf de werkvloer. Hiermee ontstaat een wankel evenwicht tussen bottom up en top down richting geven aan de ontwikkeling van de hogeschool. Dit wankel evenwicht is gebaat bij goede spelregels. De CMR heeft traditioneel een belangrijke rol bij het tot stand komen van deze spelregels. Terugkijkend hebben het CvB en de CMR de nodige goede en wellicht ook minder goede spelregels geformuleerd. Het is goed dat minder goede of overbodige spelregels worden aangepast of geëlimineerd. Wel moet er voor gewaakt worden dat het kind niet met het badwater wordt weggegooid.
    Er wacht de CMR de komende tijd een dankbare taak. In november en december zijn weer verkiezingen voor de gehele CMR. Ik roep collega’s op aan deze verkiezingen deel te nemen en het werk van de CMR breed te legitimeren.
    Fons van Maldeghem
    voorzitter CMR

Spelregels

De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.

  1. Houd het netjes, beschaafd, vriendelijk en respectvol. Niet vloeken of schelden.
  2. Dwaal niet af van het onderwerp (blijf ‘on topic’).
  3. Wees kort, duidelijk en maak een punt.
  4. Gebruik argumenten, geen uitroepen.
  5. Geen commerciële boodschappen.
  6. Niet op de persoon spelen.
  7. Niet discrimineren, aanzetten tot haat of oproepen tot geweld (ook niet voor de grap).
  8. Van bezoekers die een reactie achterlaten op de site wordt automatisch het IP-adres opgeslagen.
  9. De redactie geeft reacties die dreigende taal bevatten door aan de veiligheidscoördinator van de Hogeschool Rotterdam.

Lees hier alle details over onze spelregels.

Aanbevolen door de redactie

Back to Top