Ga direct naar inhoud
Profielen | Profielen translated
1 december 2022

Zwart logo Profielen

Onafhankelijk nieuws van de Hogeschool Rotterdam

Studenten met migratieachtergrond vinden moeilijker werk, discriminatie is slechts één oorzaak

Gepubliceerd: 4 November 2020 • Leestijd: 4 minuten en 18 seconden • Nieuws Dit artikel is meer dan een jaar oud.

Een werkgever die een sollicitant niet uitnodigt vanwege zijn Arabische naam? Het gebeurt maar er is veel meer te vertellen over waarom studenten met een migratieachtergrond moeilijker aan (relevante) stageplekken en banen komen.

Dat wordt duidelijk uit het ROA-onderzoek (Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt van de Universiteit Maastricht), uitgevoerd in opdracht van de ministeries van OCW en Sociale Zaken en Werkgelegenheid, dat onlangs verscheen. Voor dat onderzoek werden onder andere docenten en studenten van de opleiding bedrijfskunde van de HR geïnterviewd.

Het hbo heeft onvoldoende oog voor de problemen van studenten met een migratieachtergrond, blijkt uit het ROA-onderzoek.

Hbo’ers met een migratieachtergrond hebben minder kansen op de arbeidsmarkt. Dat heeft te maken met discriminatie door werkgevers en ook met hun studiekeuze: ze volgen vaker een opleiding waarmee de banen niet voor het opscheppen liggen. Maar dat is niet het hele verhaal.

Het hbo heeft onvoldoende oog voor de problemen van studenten met een migratieachtergrond, blijkt uit het ROA-onderzoek. Deze studenten kunnen meer hulp gebruiken bij het vinden van een stage of een baan.

‘Vaak sollicitatiebrieven die van elke student kunnen zijn’

Uit het onderzoek wordt duidelijk dat studenten met een migratieachtergrond hun kansen denken te vergroten door veel sollicitatiebrieven, inclusief open sollicitaties, te versturen. Geïnterviewde werkgevers geven aan dat open sollicitaties sowieso weinig kans maken. ‘Het zijn vaak ook generieke brieven, brieven die van elke student zouden kunnen zijn’, vertelt Edwin Moor, onderwijsmanager bij bedrijfskunde. ‘Wij waren ons er niet zo bewust van dat studenten dat deden.’

‘We gaan ook met rolmodellen werken, met gastcolleges door oud-studenten met een migratieachtergrond.’

Bedrijfskunde volgt dan ook zeker het advies van de onderzoekers op om studenten niet langer te stimuleren ‘op deze wijze’ te solliciteren. Moor: ‘We gaan ook met rolmodellen werken, met gastcolleges door oud-studenten met een migratieachtergrond die zich wel uniek profileren.’

‘Netwerken is belangrijk’

De opleiding maakt de studenten, in aanloop naar de stageperiodes, overigens al sinds een aantal jaar duidelijk dat netwerken belangrijk is. Moor: ‘Ze lopen elk jaar stage. Als je dan bijvoorbeeld in je eerste stage een klant tegenkomt die een gaaf bedrijf heeft, kun je vragen of je daar je tweede stage mag lopen. Het is heel goed om gezien te worden en te laten zien dat je uniek bent. Dat zeggen studieloopbaancoaches en docenten al tegen studenten. Maak het persoonlijk!’

Moor ziet dat bijvoorbeeld studentes met een Turkse of Marokkaanse achtergrond vaak heel ambitieus zijn om zich te ontwikkelen. ‘Maar ze treden vaak niet op de voorgrond en hebben moeite om te verwoorden waar ze goed in zijn.’

‘Vaker bijbaan buiten sector waarvoor zij worden opgeleid’

In beeld komen doe je dus door te netwerken en er zijn uiteraard ook studenten met een migratieachtergrond die dat doen. ‘Maar zij hebben’, stellen de onderzoekers, ‘vaker een bijbaan of een startersbaan buiten de sector waarvoor zij worden opgeleid’.

‘Bij stages lijken ze ook sneller genoegen te nemen met een mindere plek.’

Moor: ‘Bij stages lijken ze ook sneller genoegen te nemen met een mindere plek. Zo’n student is vaak ook de eerste in zijn gezin die gaat studeren. Een student die aan het onderzoek meedeed verwoordde het zo: “Mijn vader werkt in een garage, mijn moeder in een slagerij; bij wie moet ik gaan netwerken?” Als opleiding waren wij hier ons niet echt van bewust.’

‘In de lessen meer aandacht besteden aan culturele verschillen’

Dat is veranderd. Moor: ‘Onze opleiding is mee gaan doen met het hogeschoolbrede project ‘Grip op Studiesucces’ (intranet-site, red.) met als doel iedereen mee te krijgen. Wij hadden veel moeite om een goed didactisch klimaat in te richten voor alle doelgroepen. We gaan nu in de lessen en in gesprekken meer aandacht besteden aan culturele verschillen.’

De docenten bedrijfskunde gaan binnenkort workshops over culturele diversiteit volgen.

De docenten bedrijfskunde gaan binnenkort workshops over culturele diversiteit volgen. Moor: ‘Daardoor moet onder andere duidelijk worden dat studenten ons ook wat kunnen leren.’ Over culturele verschillen die je misschien wel ervaart maar waarvan je misschien niet de meerwaarde zag.

‘Je kan ervan leren maar we doen er niet veel mee’

Moor: ‘We zouden veel meer de positieve eigenschappen van elkaar moeten zien en benoemen. Turkse studenten zijn bijvoorbeeld vaak heel goed in relaties. Nemen de tijd voor je om met je te praten en luisteren. Daar kun je van leren, maar we doen er niet veel mee. Ik hoorde ook eens van een Antilliaanse student die stage liep bij een webshop in shirts van Afrikaanse voetbalclubs. Waar de stagedocent zich afvroeg hoe het mogelijk is dat zulke shirts worden verkocht, ging de student gewoon – onbevooroordeeld – zitten en werken.’

‘Naar veilige situatie om het er met elkaar over te hebben’

Maar mag je een vooroordeel hebben over groepen studenten omdat ze een bepaalde afkomst hebben? Het programma Grip op Studiesucces vindt van wel en vindt het belangrijk dat je in je onderwijs gebruik maakt van die verschillen. Moor: ‘We moeten toe naar een situatie waarin we het veilig genoeg vinden om het er met elkaar over te hebben.’

Het programma Grip op Studiesucces vindt het belangrijk dat je in je onderwijs gebruik maakt van die verschillen.

Dat helpt niet alleen het onderwijs maar ook de potentiële werkgevers van de studenten. Moor: ‘Bijna alle bedrijven hebben diversiteit hoog in het vaandel staan. Ze zijn op zoek naar mensen die anders denken. En wij hebben die mensen hier op school, een heel potentieel aan studenten die bijvoorbeeld meerdere talen spreken en met verschillende doelgroepen weten te communiceren.’

De wat minder goede beheersing van het Nederlands bij een deel van de studenten met een migratieachtergrond wordt nu als een probleem gezien, weet Moor. ‘Je ziet dat ze vaak taalzwakker zijn. Als je dan een generieke brief stuurt en dat komt er ook nog bij, maak je nog minder kans.’

Maken we taal te belangrijk?

De opleiding is geneigd het minder goed beheersen van de Nederlands taal bij de student neer te leggen, vertelt de onderwijsmanager die zich hardop afvraagt of ‘we’ taal niet te belangrijk maken. ‘Het ligt aan het soort bedrijf of de Nederlandse taal belangrijk wordt gevonden. Bij veel internationale bedrijven kom je verder met Engels of Spaans.’

Daarnaast, vervolgt Moor, ‘Zijn er genoeg heel slimme studenten die op latere leeftijd naar Nederland zijn gekomen. Hun beheersing van de Nederlandse taal schiet te kort, of schiet nu nog te kort maar ze zijn meer dan alleen hun taalbeheersing.’

Tekst: Jos van Nierop

 Wil je op donderdag (rond lunchtijd) het heetste nieuws van afgelopen week in je mailbox ontvangen? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.

Recente artikelen

Reacties

Laat een reactie achter

One Response to Studenten met migratieachtergrond vinden moeilijker werk, discriminatie is slechts één oorzaak

  1. Mee eens, Nederlanders hebben de neiging, zeker hogeropgeleiden, iemand heel erg te beoordelen op zijn of haar taalbeheersing. Dat diegene pas op volwassen leeftijd naar Nederland is gekomen of uit een totaal andere taalgebied komt (Rusland, China) laten we kennelijk niet meewegen. Want niet netjes Nederlands praten of schrijven associeren we (misschien onbewust) met een lager opleidingsniveau? Maar we realiseren ons niet hoe lastig Nederlands eigenlijk is en onze taal zo onlogisch als wat in elkaar zit terwijl dat voor ons “normaal” is. Nog even los van allerlei onverstaanbare accenten en slechte uitspraak van ons Nederlanders. Erg frustrerend voor vooral slimme buitenlanders die hier dus dagelijks te maken krijgen met hoon en neerbuigend worden behandeld. Mooi voorbeeld is dat mensen harder gaan praten als iemand iets niet begrijpt of terugvallen op een soort kleutertaal. En in onze egalitaire samenleving is dat wellicht niet zo erg, maar ik ken genoeg voorbeelden van (bijna alle andere) culturen die dit wel degelijk als beledigend ervaren. Schriftelijk voor onze studenten vind ik trouwens niet dat dit per se hoeft te gelden omdat er altijd wel iemand in de buurt is die je kan helpen met alles netjes op papier zetten. Dat geldt (helaas) trouwens net zo hard voor Nederlandse studenten… Maar uiteindelijk hoort het over de inhoudelijke beoordeling te gaan: is iemand geschikt voor de baan of niet?

Spelregels

De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.

  1. Houd het netjes, beschaafd, vriendelijk en respectvol. Niet vloeken of schelden.
  2. Dwaal niet af van het onderwerp (blijf ‘on topic’).
  3. Wees kort, duidelijk en maak een punt.
  4. Gebruik argumenten, geen uitroepen.
  5. Geen commerciële boodschappen.
  6. Niet op de persoon spelen.
  7. Niet discrimineren, aanzetten tot haat of oproepen tot geweld (ook niet voor de grap).
  8. Van bezoekers die een reactie achterlaten op de site wordt automatisch het IP-adres opgeslagen.
  9. De redactie geeft reacties die dreigende taal bevatten door aan de veiligheidscoördinator van de Hogeschool Rotterdam.

Lees hier alle details over onze spelregels.

Aanbevolen door de redactie

Back to Top