Ga direct naar inhoud
Profielen | Profielen translated
17 juni 2024

Zwart logo Profielen

Onafhankelijk nieuws van de Hogeschool Rotterdam

Wat kunnen docenten in hun onderwijs met de Strategische Agenda?

Gepubliceerd: 21 March 2024 • Leestijd: 5 minuten en 14 seconden • Nieuws

Leven lang ontwikkelen én meer onderwijs buiten je eigen opleiding. Het zijn twee onderwerpen van de Strategische Agenda van de Hogeschool Rotterdam. Profielen vroeg aan docenten of ze al betrokken zijn bij ‘de agenda’, en wat ze ervan vinden.

Kaart van Rotterdam

‘Ik weet dat er een strategische agenda is maar weet niet goed wat het inhoudt’, reageert Ivonne van Zuilen, docent bedrijfskunde. ‘Zoiets is vaak abstract geklets, ik kan er dan in mijn dagelijkse werk niks mee.’

Collega Romana van der Zwan weet ook niet zoveel van de agenda maar vindt het desgevraagd wel goed dat er, volgens de uitvoeringsagenda waarin de strategie meer concreet wordt ingevuld, een ‘leer- en innoveerprogramma’ komt om het discipline-overstijgende onderwijs te ontwikkelen. ‘Oh leuk, dat vind ik wel interessant. Onderwijs is namelijk altijd in ontwikkeling.’ Instituut-overstijgend onderwijs is er al, geeft de bedrijfskundedocent aan. ‘In jaar 3, met zorg en met techniek.’

‘We kennen vertaalslag naar werkvloer nog niet’

Henriette Terpstra, ook van bedrijfskunde, vraagt zich af waarom zij en haar collega’s nog weinig van ‘de agenda’ weten. ‘Ligt dat aan ons, of aan de mensen die het ons moeten vertellen?’ Het zal wel worden meegenomen in de doorontwikkeling van de curricula, verwacht Van der Zwan. ‘Nu weten we de vertaalslag naar de werkvloer gewoon nog niet.’

Bij ondernemerschap en retail management (ORM) is het allemaal al wat duidelijker, in elk geval voor docent Theo Dingemans. ‘In het planningsgesprek met de onderwijsmanager komen onder andere de doelstellingen uit de strategische agenda wel aan de orde’, vertelt de docent terwijl hij op zijn laptop de agenda erbij pakt.

‘De vier transitieopgaven uit de agenda (duurzame delta, toekomstbestendige economie, vitale gemeenschap en slimme en sociale stad, red.) zijn echt wel relevant voor Rotterdam en de Rijnmond’, vindt Dingemans die wijst op de nieuwe economische modellen waarin er aandacht is voor circulariteit. ‘Bij supply chain management, het vak dat ik zelf geef, zijn we er al langer mee bezig. Dan gaat het bijvoorbeeld om het vervangen van fossiele brandstof en om het plannen van retourstromen en hergebruik van materialen.’

‘Streven is dat 35 procent multidisciplinair afstudeert’

In je derde en vierde jaar onderwijs volgen bij een andere opleiding is nu al een onderwerp. ‘Het streven is dat 35 procent multidisciplinair afstudeert’, zegt Dingemans. Hij vertelt dat zijn instituut (RBS) en zijn opleiding ORM, mede naar aanleiding van de strategische agenda, al sinds september 2022 mee-ontwikkelen aan het multidisciplinair onderwijs in semester 6. ORM-studenten draaien ook mee in dat onderwijs.

Onderwijsmanager Glenn van der Sande bevestigt dat laatste. ‘We vonden het belangrijk om er gelijk mee te beginnen, zodat je mee kunt bepalen hoe het onderwijs eruit gaat zien. In de planningsgesprekken met de docenten en met Fred (Feuerstake, directeur van instituut RBS, red.) stellen we ons de vraag “Hoe verhoudt ons onderwijs zich tot de strategische agenda?”. Bij ons ligt de focus op ‘toekomstbestendige economie’, een van de vier thema’s uit de agenda; het is belangrijk het daar met elkaar over te hebben op het moment dat je bijvoorbeeld het curriculum aan het wijzigen bent.’

‘Zo lang het maar niet te veel wordt gestuurd’

In het planningsgesprek van Danny Heijink, instructeur bij biologie en medisch laboratoriumonderzoek (bml) is de strategische agenda nog niet voorbijgekomen. ‘Ik heb mij er ook nog niet genoeg in verdiept, maar meer sturen op interdisciplinaire samenwerking kan gunstig zijn, zolang het maar niet te veel wordt gestuurd.’

‘Het is goed om steeds te kijken naar niet voor de hand liggende samenwerkingen’

Ook bij bml wordt er al langer samengewerkt met andere opleidingen en instituten. Heijink wijst op de samenwerking met de Willem de Kooning Academie in het project ‘Living colour’ waarbij bml-studenten biologisch pigment testen dat gebruikt wordt voor de modeproducten van de kunststudenten. Zou dat meer dan een project kunnen zijn, zou een bml-student bijvoorbeeld een jaar lang op de WdKA onderwijs kunnen volgen? ‘Dat ligt eraan’, reageert Heijink. ‘Zolang ze de skills die ze hier hebben geleerd daar kunnen toepassen, zou dat moeten kunnen. Het is goed om steeds te kijken naar niet voor de hand liggende samenwerkingen.’

‘Wij gebruiken de IGO-visie’

Een docent bij bouwkunde kijkt de verslaggever vragend aan als er naar de strategische agenda wordt gevraagd, een collega verwijst naar de curriculumcommissie van de opleiding. ‘Wij gebruiken de IGO-visie (Instituut voor de Gebouwde Omgeving). Dat verklaart misschien waarom docenten het niet weten’, vertelt Jasenko Bektas van de curriculumcommissie. ‘Die visie is iets eerder gepubliceerd dan de Strategische Agenda maar inhoudelijk hebben ze veel raakvlakken.’

Er wordt gesproken over de maatschappelijke opgaven en over opleiding-overstijgend onderwijs, binnen het instituut. ‘Alle opleidingen van IGO zijn bezig met curriculumwijzigingen, waarbij is afgesproken dat we dat op elkaar afstemmen zodat studenten van de verschillende opleidingen in het derde jaar makkelijker samen kunnen werken dan nu het geval is. Dat vraagt veel organisatie, over twee jaar moet iedereen de overstap gaan maken zodat we daadwerkelijk samen kunnen werken.’

Combinatieopdrachten

Xenia Hasker (docent informatica) vertelt dat de opleiding kijkt ‘naar combinatie-opdrachten met bijvoorbeeld zorg en vooral gericht op de stad Rotterdam’. ‘Dat staat in de kinderschoenen maar het is wel aangejaagd vanuit de strategische agenda’, zegt de docent die aangeeft dat haar collega Afshin Amighi er meer over weet, en meer over gaat.

‘Sommige opleidingen, zoals de onze, zijn zo specialistisch dat het volgens mij helemaal niet kan.’

Amighi zit in de curriculumcommissie en vertelt dat de opleidingen van instituut CMI werken aan interdisciplinaire projecten die over een jaar in semester 6 moeten starten. Net als bij IGO blijft het bij samenwerking binnen het instituut. In de toekomst wordt dat misschien uitgebreid naar opleidingen van andere instituten, meldt Amighi.

Bij de projecten wil CMI samenwerken met externe partijen zoals de gemeente Rotterdam, bedrijven die zich met de energietransitie bezighouden en ziekenhuizen.

‘Sommige opleidingen zijn er te specialistisch voor’

Op locatie Rochussenstraat antwoordt een docent fysiotherapie ook weinig van de agenda te weten. Hij vraagt zich desgevraagd wel af of interdisciplinair onderwijs wel overal mogelijk is. ‘Sommige opleidingen, zoals de onze, zijn zo specialistisch dat het volgens mij helemaal niet kan. Oké, je hebt de minors die vrij zijn, maar het was volgens mij beter geweest eerste te kijken of dingen wel kunnen voordat je besluit dat we het gaan doen.’

In de docentenkamer van de lerarenopleidingen talen vertelt een van de docenten, die niet bij naam genoemd wil worden, dat ze zich gaat aanmelden voor een van de online gespreksbijeenkomsten die het college van bestuur de komende tijd houdt (de eerste op 25 maart, zie het bericht op intranetsite Hint). ‘Wat ik mij wel afvraag: zit er in de agenda iets dat specifiek gericht is op leraren, op onze opleidingen?’

‘Behoefte aan praktijkervaringen op andere plekken’

Een collega van de lerarenopleiding geschiedenis vertelt dat er nu al over de eigen opleiding heen wordt gekeken. ‘Rondom minors doen we dat al, en dat lijkt mij niet gek. Bij studenten is er ook behoefte aan praktijkervaringen op andere plekken dan in het onderwijs. Dan gaat het bijvoorbeeld om erfgoededucatie.’

‘In het derde jaar van geschiedenis’, gaat ze verder, ‘nemen de geschiedenisvakken af en gaat het meer om het docentschap. Dat vinden sommige studenten jammer, en dan kiezen ze er bijvoorbeeld voor hun minor een geschiedenisvak op de Universiteit van Utrecht te volgen.’

Dat er in de strategische agenda ook aandacht wordt gevestigd op het aanbieden van meer masters en micro credentials vindt de docent geschiedenis ‘heel goed’. ‘Veel studenten vinden het leuk om hun eerstegraads bevoegdheid te halen. Dat kan elders maar misschien is het goed als dat ook op de HR zou kunnen.’

Tekst: Jos van Nierop
Illustratie: Demian Janssen

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief!

Recente artikelen

Recente reacties

Reacties

Laat een reactie achter

Comments are closed.

Spelregels

De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.

  1. Comments worden door de redactie gemodereerd. 's Avonds en in het weekend gebeurt dat niet standaard, en kan het dus langer duren voor je opmerking online komt.
  2. Houd het netjes, beschaafd, vriendelijk en respectvol. Niet vloeken of schelden.
  3. Dwaal niet af van het onderwerp (blijf ‘on topic’).
  4. Wees kort, duidelijk en maak een punt.
  5. Gebruik argumenten, geen uitroepen.
  6. Geen commerciële boodschappen.
  7. Niet op de persoon spelen.
  8. Niet discrimineren, aanzetten tot haat of oproepen tot geweld (ook niet voor de grap).
  9. Van bezoekers die een reactie achterlaten op de site wordt automatisch het IP-adres opgeslagen.
  10. De redactie geeft reacties die dreigende taal bevatten door aan de veiligheidscoördinator van de Hogeschool Rotterdam.

Lees hier alle details over onze spelregels.

Aanbevolen door de redactie

Back to Top