Kun je Docent van het Jaar worden zonder over te werken?
Gepubliceerd: 15 January 2025 • Leestijd: 5 minuten en 19 seconden • Nieuws Dit artikel is meer dan een jaar oud.Goeie colleges geven en altijd klaarstaan voor je studenten kost tijd, vaak meer uren dan er in je baan passen. Het gevaar van een hoge werkdruk ligt dan op de loer. Deze week maken we de Docent van het Jaar bekend en vragen we ons af: kun je ook een goeie docent zijn zonder over te werken? Profielen stapte met die vraag enkele docentenkamers binnen.

Docent Petra Madelon de Graaf vroeg zich begin dit studiejaar in haar blog hardop af ‘hoe mensen het uithouden in een fulltime onderwijsbaan’. Ze wees op onderzoek over de hoge werkdruk onder hbo-docenten. Werkdruk die zij zelf, met ‘slechts’ een parttime aanstelling, ook ervaart.
Docent van het Jaar stopte mede vanwege werkdruk
Er is ook het verhaal van Robert Mol. Twee jaar geleden werd de docent van de lerarenopleiding Engels verkozen tot Docent van het Jaar van de HR. ‘Robert is een docent die altijd klaarstaat voor studenten’, luidde een van de motivaties van studenten die hem nomineerden. En: ‘Ook denkt hij graag met je mee wanneer je met een probleem komt.’
Nog geen jaar later stopt Mol als lerarenopleider, mede vanwege de werkdruk. ‘Ik wil dat mijn lessen heel erg goed zijn. Ik wil van nut zijn voor mijn collega’s (…). Maar als je alles wil kom je qua tijd nooit uit. Daarin heb ik nog veel te leren’, vertelde de docent die vooral ook afhaakte vanwege het vele nakijkwerk en de vele schriftelijke beoordelingen. ‘Ik wil dat niet meer.’
‘Als je een goede docent wilt zijn gebruik je veel energie’
Neri Arjona de Santiago, docent bij international business, vertelt dat als ze werkt ze ’150 of 200 procent’ geeft. ‘Als je van je werk houdt, ervaar je dat niet als overbelasting. Overwerken klinkt zo heftig maar als je een goede docent wilt zijn, gebruik je veel energie. Wij hebben bijvoorbeeld veel internationale studenten die hier in Rotterdam in hun eentje zijn, die geef ik vaak extra aandacht. Je probeert een band te creëren, en geeft ze weleens een knuffel of een schouderklopje.’
Die persoonlijke aandacht wordt gewaardeerd, en is vaak de reden dat een student een docent nomineert voor ‘Docent van het Jaar’, vertelt Arjona De Santiago’s collega Carole Westerkamp. Voor een beetje extra aandacht richting studenten hoef je niet per se over te werken, voegt ze eraan toe. ‘Even een mailtje ’s avonds noem ik geen overwerk. Daarbij moet ik wel zeggen dat ook ik buiten schooltijd tijd aan werk besteed. Dat hoort niet zo te zijn, maar aan de andere kant hoort het er eigenlijk wel een beetje bij.’
‘Bij extra vragen denk je niet “Mijn uren zijn op”‘
Dat laatste vindt ook Dieuwertje Schuur, docent bij cmgt (creative media and game technologies). ‘Als studenten hun afstuderen aan het voorbereiden zijn en ze hebben nog extra vragen, dan denk je niet “Mijn uren zijn op”. Dat hoort er gewoon bij. Docent-zijn is toch een mensenvak. Je wilt die kids helpen naar een mooie toekomst.’
Schuurs collega Noa van der Horst geeft aan dat het niet elke week even druk is. ‘Bij ons beroep hoort dat je in een bepaalde week meer uren maakt omdat je bijvoorbeeld veel moet nakijken. Dat compenseer je dan een andere week weer door het wat rustiger aan te doen. Op een thuiswerkdag doe ik dan bijvoorbeeld ook wat dingen in huis.’
‘Je bent ook een goeie docent als je goed voor jezelf zorgt’
Voor een docent verpleegkunde, die niet met haar naam in het artikel wil, is compenseren ook een manier om het werk te kunnen behappen. ‘’s Avonds studenten appen is prima. Daar tegenover zit ik overdag op m’n werk ook weleens even iets voor mezelf te doen.’ Een collega valt haar bij: ‘Vanavond moet ik naar de open avond van de opleiding. Tegen mijn manager heb ik daarom gezegd dat ik thuis begin en iets later opstart. Dat was prima. Je bent ook een goeie docent als je goed voor jezelf zorgt.’
Ook Marijn van Kersbergen, docent finance, tax & advice, benadrukt dat het belangrijk is om goed voor jezelf te zorgen, en ook tijd te maken voor je kinderen en om te sporten. De docent is bewust bezig met wat hij kan en wil doen. ‘Als ik een taak heb, besteed ik de meeste tijd aan het afstemmen wat goed genoeg is voor de studenten, de betrokken docenten en de onderwijsmanager. Aan de andere kant kijk ik hoeveel tijd ik zelf heb.’
Ergens meer tijd instoppen omdat het ‘plezier geeft’
Dat wil overigens niet zeggen dat Van Kersbergen nooit iets extra’s doet, en nooit overwerkt. ‘Soms stop je ergens meer tijd in dan je eigenlijk hebt. Dat is het mij dan waard omdat het mij plezier geeft en omdat het zorgt voor extra leeropbrengsten.’ Buiten dat heeft hij geleerd zich niet druk te maken over dat ‘wat niet belangrijk is’. Als hij van collega’s de vraag krijgt om iets te doen, luidt Van Kersbergens wedervraag: “Is het belangrijk?”.
Ploni Koevoet, zelfde opleiding en zelfde docentenkamer als Van Kersbergen, zit iets anders in de wedstrijd. ‘Met name nakijkwerk doe ik vaak buiten werktijd, thuis. Bijvoorbeeld op zondagmiddag. ’t Hoort er bij’, zegt ze. ‘Maar als er thuis dan wordt gevraagd “Je komt toch wel kijken bij de hockey?”, zeg ik daar wel ja op. En werk ik die avond nog even…’
Goed voorbereid zijn om ‘niet voor joker te staan’
Hoe goed moet je je werk willen doen, is de vraag. Koevoet: ‘Ik wil sowieso altijd goed voorbereid voor de klas staan, en dus niet voor joker staan. Je wilt ook dat de studenten meedoen en dat je echt impact hebt. Ook omdat ik het echt leuk vind om met jonge mensen bezig te zijn. Daar word ik blij van.’
De ervaren docent weet dat het voor beginnende docenten in principe meer tijd kost om goed voorbereid te zijn. ‘Voor het ontwikkelen van modules krijg je niet altijd heel veel tijd, heb ik ervaren. Zelf kan ik inmiddels deels uit oud materiaal putten, dat is tijdbesparend.’
60 à 70 uur werken in de week ‘om niveau op te krikken’
Abas Al Asadi werd zo’n tien jaar geleden direct na zijn afstuderen docent bij z’n opleiding maritieme techniek. ‘Die eerste paar jaar moest ik heel veel tijd investeren in het voorbereiden van lessen. Om m’n niveau omhoog te krikken werkte ik 60 à 70 uur in de week, en ik werkte ook in de vakanties. In het begin vond ik dat niet erg.’ Inmiddels maakt Al Asadi normalere werkweken.
Aan de andere kant van de docentenkamer in het STC stelt collega Arjan van der Pijl dat je een goeie docent bent als je níet overwerkt. ‘Dan heb je het goed voor elkaar’, vindt de docent die zelf overigens ook meer uren maakt dan waar hij voor betaald wordt.
In vakanties werkt hij bijvoorbeeld weleens een halve dag extra. ‘Als ik er zelf voor kies omdat ik het leuk of belangrijk vind om een goeie les voor te bereiden, zie ik het niet per se als overwerk. Ik krijg er energie van. Onderwijs doe je omdat je het leuk vindt, het is een roeping. En je wilt eigenlijk altijd iets extra’s doen.’
‘Je wilt ook op langere termijn top zijn’
Maar bij sommigen wordt iets extra’s te veel extra’s, en kan dat tot uitval leiden. Dat moet je natuurlijk proberen te voorkomen, beaamt Van der Pijl die de vergelijking trekt met topsporters die slechts een korte periode presteren en daarna terugvallen. ‘Eventjes top zijn en daarna niet meer, is niet goed. Je wilt, ook als docent, op een langere termijn top zijn.’
Tekst: Jos van Nierop
Illustratie: Demian Janssen






Laat een reactie achter
Spelregels
De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.
Lees hier alle details over onze spelregels.
Aanbevolen door de redactie
Langstudeerders finance & control helpen elkaar over de eindstreep: ‘Zonder deze twee had ik het niet gehaald’
Ingezonden: We moeten AI pauzeren en niet normaliseren op de Hogeschool Rotterdam
Ahmetcan laat studie niet door AI doen, maar studeert samen mét AI
Back to Top