We leven, als ik de talkshows en diverse politici mag geloven, in een soort puddingbroodje. Dat onze maatschappij woke en te gevoelig is, wordt tegenwoordig met groot gemak beweerd, maar zelden onderbouwd.
Eerder door een politica die ooit een kabinet liet knallen op leugen na leugen en deze week opnieuw door een zakenman, vermomd als politicus. Volgens hem is Nederland afgegleden naar een feminiene samenleving: zacht, langzaam, zwak. Argumenten daarvoor had hij niet. Hoe dat er dan in de praktijk uit zou moeten zien, wist hij ook niet:
‘We moeten onze spierballen laten zien!’ ‘Hoe dan, Henk?’ ‘Nou ehm…’
Bedankt, Henk.
Het is een vreemde bewering over een samenleving die vaak slecht omgaat met verlies. Ziekte, rouw, mantelzorg: het is overal, het slaat uiteindelijk niemand over, maar het blijft ongemakkelijk. Behalve als het op veilige afstand is; programma’s als Ik Mis Je en Over Mijn Lijk zijn regelrechte tv-hits. Prachtig natuurlijk. Maar hoe doen we het zelf, in het dagelijks leven? Is dat ‘feminien’, wat dat dan ook moge betekenen? Henk, ben je daar nog… ?
In de samenleving praten we over vechten tegen kanker, zelfredzaamheid en doorpakken. Over niet zeuren. Over sterk zijn. Verlies past daar niet zo goed tussen; want verlies ontregelt, vertraagt en laat zich niet plannen. Wie te maken krijgt met rouw of langdurige zorg, merkt hoe snel empathie kan verdampen, zodra het langer duurt dan twee weken. Dan heet het ineens ‘persoonlijk’, iets ‘wat je zelf moet oplossen’. Liefst met dezelfde productiviteit en ook het liefst onzichtbaar. Niet lullen maar poetsen? Nou, daggut niet.
Of is deze spierballentaalkracht het negeren van breuklijnen, die juist mensen tekenen? In Japan is er kintsugi: een gebroken kopje wordt met goud gelijmd, de barst blijft zichtbaar, het verhaal intact. Hier doen we ook aan herstel, maar dan zonder dat goud. Je mag wel naar een cursus veerkracht en je krijgt de vraag of je volgende week weer inzetbaar bent.
Onze samenleving is allesbehalve een puddingbroodje. Ze is hard voor alles dat niet efficiënt of maakbaar is. Spierballentaal is misschien handig als je tegenover een valse hond staat, maar niet voor mensen die tijdelijk of blijvend ‘uit de pas’ lopen.
Wie niet terugveert, krijgt een label, een traject of een ongemakkelijke stilte. Het kopje mag blijven, mits het weer functioneert alsof het nooit is gevallen. Maar bedenk: niemand blijft heel en niemand redt het alleen. Dus als jou een verlies overkomt, wie en wat heb je nodig om te kunnen blijven meedoen, werken, studeren, met of zonder spierballen of zichtbare breuklijn?
Dan ga ik nu even een (woke, want vegan) puddingbroodje eten, eiwitten voor mijn spierballentaal. En ook gewoon omdat ik er trek in heb en niet omdat Henk het zegt.
De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.
Lees hier alle details over onze spelregels.
Aan de ene kant hebben we last van mensen als Henk, aan de andere kant hebben we last van mensen met een calimero overtuiging.
hoe nu verder? misschien met empatie voor anderen en een sterke eiernschaal op onze eigen hoofden??