In het recent gepubliceerde rapport pleit de Gezondheidsraad voor een drastische verandering in onze kijk op alcohol: ook één biertje is al te veel. Om dat advies ter harte te nemen heb ik afgelopen weekend geen alcohol gedronken. Dat beviel verrassend goed!
Om mezelf te belonen voor mijn goede gedrag droomde ik vannacht dat ik op een feestje was. En nu ben ik teringbrak…. Achteraf bezien had ik ook gewoon nog wat water moeten drinken voordat ik wakker werd. Maar normaal kan ik wel wat hebben; vroeger werd ik zelfs door de gemeente als loktiener ingezet en kwam ik op hun kosten thuis met flessen Breezers.
In deze blog geef ik geen tips waarmee je gisteren een kater had kunnen voorkomen, maar plaats ik een kritische kanttekening bij het advies van de Gezondheidsraad. Want volgens de raad is inmiddels ook spaarzaam drinken riskant. Steeds minder vo’s dus voor spaarzaam zuipen. Wat ooit ‘gematigd’ heette, wordt steeds sneller ‘onverantwoord’. De marge waarin gedrag niet optimaal is, maar ook niet problematisch, lijkt langzaam te verdwijnen. Vroeger heette dat gewoon afteren op de maandagavond.
Voor mij is dat rapport bovendien meer dan een advies over alcohol. Het past in een bredere ontwikkeling waarin gezondheid steeds minder een medische toestand is en steeds meer een normatief ideaal, iets wat je ook terugziet in de populariteit van wearables, slaaptrackers en voedingsapps. Gezondheid draait niet alleen om het voorkomen van ziekte, maar ook om risicovermijding, zelfbeheersing en functioneel gedrag. Niet ziek zijn is niet genoeg; je moet vooral voorspelbaar en beheersbaar zijn.
Zo wordt gezondheid geen neutraal begrip, maar een manier om het leven te ordenen. Alles krijgt een functie. Rusten is goed voor je productiviteit, slapen voor je brein, wandelen voor je hart. Zelfs ontspanning moet rendement opleveren. Intussen lees ik dat intensief sporten óók niet ongevaarlijk is. Misschien is het regelmatig opstaan om een biertje uit de koelkast te halen uiteindelijk minder belastend voor het hart dan de gemiddelde bergetappe.
Natuurlijk overdrijf ik. Alcohol veroorzaakt aantoonbare gezondheidsschade en aandacht daarvoor is belangrijk. Maar mijn bezwaar zit ergens anders. Wanneer gezondheid steeds meer wordt opgevat als het vermijden van risico, dreigt het leven zelf gereduceerd te worden tot een optelsom van risico’s en baten. Dan wordt de vraag niet meer: waarvoor leef je?, maar: hoe voorkom je schade?
We leven in een tijd waarin ons lichaam steeds meer een project is dat geoptimaliseerd moet worden. My body is my temple, luidt het devies. Soms denk ik: mijn body is eerder mijn kroeg. Een plek waar geleefd mag worden. Die bijwerking haalt zelden de samenvatting van een rapport.
De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.
Lees hier alle details over onze spelregels.
Heerlijk dit. Helemaal mee eens kerel
Dit soort principes bestaan ook al heel lang leuke one-liners over, een van mijn favorieten was “Straight-edger viert 130e verjaardag zonder vrienden.”
Voor degenen die er niet bekend mee zijn, een ‘straight-edger’ verwijst naar een persoon die zoals Menno beschrijft alle risico’s vermijdt.
De uitspraak legt het probleem bloot: je kan wel je leven inrichten om zo lang mogelijk te leven, maar je moet ook bedenken wat de waarde van dat leven is, hoe je het zin geeft, en hoe je het leuk houdt.
Goed stuk, Menno!