‘Ik wil een stijl creëren waar mensen zich in herkennen en een community rond mijn werk bouwen’
Andrei Muntean is tweedejaars animatie aan de Willem de Kooning Academie, maar zijn echte passie is mode. ‘Voor mij is fashion veel meer dan kleding alleen. Het geeft een stem aan mensen die zich anders niet gehoord voelen.’
‘Rotterdam kende ik vooral van naam, van de Erasmusbrug en van de architectuur, maar de stad zelf moest ik nog echt leren kennen toen ik hier kwam wonen. Toch voelde het al snel als een plek waar ik iets kon opbouwen.
‘Ik heb altijd al iets met kunst gehad. In mijn thuisland Roemenië, volgde ik al kunstonderwijs – een opleiding die een beetje tussen middelbare school en kunstacademie in zat – met veel aandacht voor beeldende kunst. Daarnaast werkte ik in galerieën, eerst in mijn eigen stad Brașov en later ook een tijd in Parijs. Daardoor heb ik van dichtbij gezien hoe de kunstwereld werkt: hoe je werk presenteert, archiveert en koppelt aan verzamelaars, galeries en musea. Daar ligt echt mijn passie, maar ik heb er nog een en dat is mode.
‘Ik vind ook echt dat mode een stem kan geven aan mensen die zich anders niet gehoord voelen.’
‘Animatie koos ik al in mijn laatste jaar van die kunstopleiding, maar hier in Rotterdam ontdekte ik dat mode minstens zo belangrijk voor me is. Sterker nog: ik gebruik de opleiding nu steeds meer om die twee werelden te combineren. Ik maak graag collecties die een bepaalde sfeer oproepen, een hele nieuwe wereld creëren. Voor mij is fashion veel meer dan kleding alleen. Het is een soort harnas waarmee je aan de buitenwereld laat zien wie je bent en wie je wil zijn. Daarom maak ik het liefst stukken die een beetje eigenzinnig en subversief zijn, iets met karakter.
‘Ik vind ook echt dat mode een stem kan geven aan mensen die zich anders niet gehoord voelen. Voor mij is mode het eerste wat je van iemand ziet, een soort visitekaartje. Je uitstraling zegt vaak al iets voordat je een woord hebt gezegd. Mijn inspiratie haal ik veel uit folklore en geschiedenis. Ik hou ervan om oude tijdperken te mengen met hedendaagse mode. Daar ontstaat voor mij iets fantasierijks en soms zelfs iets donkers.
‘Fashion is een soort harnas waarmee je aan de buitenwereld laat zien wie je bent en wie je wil zijn. Daarom maak ik het liefst stukken die een beetje eigenzinnig zijn.’
‘Op dit moment werk ik bijvoorbeeld aan een collectie rond hertengeweien in het bos en Griekse mythologie, met Pan als belangrijke figuur. Ik laat me inspireren door historische personages, hofkleding en oude symboliek en dat vertaal ik naar iets van nu. Zoals een lange zwarte latexjas met een masker van geweien en een korset dat is geïnspireerd op een Victoriaans silhouet. In één ontwerp zit voor mij dan de spanning tussen verschillende tijden: latex met een moderne, bijna clubachtige uitstraling, naast een korset dat teruggrijpt op het verleden.
‘Ook haal ik inspiratie uit Venetiaanse maskers, vooral uit de manier waarop die iets verbergen en tegelijk juist aandacht trekken naar de ogen. Al mijn ontwerpen maak ik zelf. Ik werk met 3D printing, 3D sculpting en ik teken veel. Sommige stukken draag ik bij speciale gelegenheden.
‘Ik denk bij het ontwerpen ook niet in strikte genderregels. Voor mij kan kleding voor iedereen zijn. Als iemand het wil dragen en zich er goed in voelt, dan klopt het. Die scheiding tussen mannen- en vrouwenkleding vind ik in de modewereld eigenlijk steeds minder interessant. Wat ik wel jammer vind, is dat veel kleding tegenwoordig zo op elkaar lijkt. Ik zie vaak dezelfde outfits, dezelfde combinaties, dezelfde trends die eindeloos worden herhaald. Daardoor verdwijnt een stukje persoonlijkheid. Ik heb soms het gevoel dat mensen zich naar de kleding gaan voegen, in plaats van andersom. En juist dat zou volgens mij niet moeten. Kleding moet het lichaam volgen, niet andersom. Gelukkig zijn er ook nog onafhankelijke winkels en jonge ontwerpers die iets eigens maken.
‘Na mijn afstuderen zou ik heel graag in de mode willen werken, het liefst als designer. Ik wil een eigen wereld opbouwen, een stijl waar mensen zich in herkennen, en misschien ook een community rond mijn werk creëren. Tegelijk ben ik nog bezig om uit te zoeken waar precies mijn plek ligt. Voor nu is het vooral een zoektocht waarin ik veel probeer, leer en uitprobeer.
‘Ik denk bij het ontwerpen niet in strikte genderregels. Voor mij kan kleding voor iedereen zijn. Als iemand het wil dragen en zich er goed in voelt, dan klopt het.’
‘Naast mijn studie doe ik ook nog wat in de kunstwereld. Ik help op de achtergrond met kunsthandel, vooral vanuit een Parijse collectie. Ik begeleid kopers en ik verbind ze met galeries en verkopers. Daarbij werk ik vooral met oude meesters en werken uit de renaissance, maar ook met sculpturen uit de Klassieke en Hellenistische periode. Dat is heel ander werk dan mode, maar het draait ook om liefde voor beeld, geschiedenis en presentatie.
‘Buiten alles wat met kunst en studie te maken heeft, is er nog iets wat heel belangrijk voor me is: paardrijden. Thuis in Roemenië heb ik een zwarte merrie, Oberon. Die staat nog altijd bij mijn ouders. Zodra ik weer thuis ben, rijd ik meteen weer, ik mis dat ook echt. Ik reed vroeger vooral recreatief, het liefst het bos in. Geen dressuur of springen, maar gewoon buiten zijn met het paard, vrij bewegen en even alles loslaten. Wat ik daar het mooiste aan vind, is de vrijheid en de band met het dier. Dat contact, dat gevoel dat je samen één beweging maakt, dat blijft voor mij bijzonder. Het inspireert me ook in mijn werk.’
Ken of ben jij iemand met een verhaal voor Humans of HR? We horen het graag! Stuur een mailtje naar profielen@hr.nl.
Tekst en foto: Sanne van der Most






Laat een reactie achter
Spelregels
De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.
Lees hier alle details over onze spelregels.
Back to Top