Ga direct naar inhoud
Profielen | Profielen translated
31 juli 2021

Zwart logo Profielen

Onafhankelijk nieuws van de Hogeschool Rotterdam

Foto van Merna

‘Een twaalfjarige zal niet zo snel zeggen dat-ie accountant wil worden, maar ik dus wel’

Merna Dominik is derdejaars accountancy-student, ze wist als kind al dat ze accountant wilde worden. ‘Er gaan nog flink wat jaartjes overheen voordat ik zover ben, maar dan heb ik wel bereikt wat ik sinds mijn twaalfde al wilde.’

‘In het eerste jaar van de havo wist ik al dat ik accountant wilde worden. Dat kwam door mijn vader die destijds samen met een compagnon een eigen meubelstoffeerderij had. Hij kwam een keer thuis met de jaarrekening van het bedrijf. Ik zag het op tafel liggen en vroeg wat het was. Hij vertelde dat een accountant alles wist over de cijfers van zijn bedrijf, en dat die hem had gemaakt. “Hoe dan?”, dacht ik. Dus ging ik er een doorheen bladeren en snuffelen. Natuurlijk snapte ik er als twaalfjarige helemaal niks van, toch vond ik het wel bijzonder dat er blijkbaar iemand was die alles wist van de financiële zaken van het bedrijf. Daar is mijn interesse ontstaan. Een twaalfjarige zal niet zo snel zeggen dat-ie accountant wil worden, maar ik dus wel.

‘Mijn neef was ook accountant en met hem heb ik veel gesprekken gevoerd.’

‘Ik vond het heel belangrijk om de juiste studiekeuze te maken. Mijn neef was ook accountant en met hem heb ik veel gesprekken gevoerd. Ik wilde zeker weten dat het wat voor mij was, en ging ook naar veel open dagen. Voor mijn gevoel zou ik hebben gefaald als ik iets uitkoos wat ik uiteindelijk toch niet wilde doen, maar accountancy paste heel goed bij mij. En dat blijkt nu ook wel te kloppen.

‘Op dit moment loop ik stage bij Schipper Accountants. Vorig jaar werkte ik als werkstudent al op de samenstelafdeling en nu zit ik op de controleafdeling waar ik het ook heel erg naar mijn zin heb. De samensteller maakt de jaarrekening en op de controleafdeling worden alle jaarrekeningen gecontroleerd. Op deze afdeling is de afstand tot de klant wel wat groter, heb ik gemerkt. Je haalt de fouten uit de jaarrekening en het lijkt daardoor wat meer alsof je tegenover de klant staat in plaats van ernaast. Daar moest ik wel een beetje aan wennen. Het is allemaal een stuk formeler. Logisch ook, we moeten niet voor niets een eed afleggen en er hangt veel van zo’n controle af. Het is belangrijk voor de klant dat alle fouten eruit gehaald worden.

‘Gelukkig mag ik ondanks corona wel langs bij klanten.’

‘Gelukkig mag ik ondanks corona wel langs bij klanten. Waar andere studenten alleen maar thuis werken, werk ik alleen maar op kantoor of bij de klant, uiteraard binnen de richtlijnen van het RIVM. Hierdoor krijg ik een veel beter beeld van wat het werk inhoudt. Daarnaast is de controleafdeling echt een team. Om dan over alles te bellen, dat is heel onhandig. Vooral als stagiaire heb je het gevoel dat je anderen tot last bent wanneer je om van alles de telefoon moet pakken. Veel goede vriendinnen zitten bij grotere kantoren met een strenger beleid en werken daardoor alleen maar vanuit huis. Ik merk dat het een negatieve invloed heeft op hun werk, en dat vind ik heel jammer voor hen.

‘Mijn vader heeft zijn eerste zaak uiteindelijk verkocht aan zijn compagnon, maar vier jaar geleden is hij weer een nieuwe meubelstoffeerderij begonnen. Omdat hij analfabeet is, mocht ik vroeger al af en toe een brief voor mijn vader vertalen. Nu doe ik eigenlijk alles wat hij niet doet: het contact met de klanten, offertes opstellen, facturen opstellen, en de inkopen en betalingen. We hebben daarnaast ook een boekhouder zodat ik niet alles zelf hoef te doen. De taken zijn leuk verdeeld en we zijn heel trots op ons werk.

‘In het asielzoekerscentrum kregen ze twee kinderen: mijn broertje en ik.’

‘De afgelopen jaren heb ik veel bewondering gekregen voor mijn ouders. Als ik zie wat zij in eenentwintig jaar hebben bereikt … met de zaak natuurlijk, maar ook op sociaal gebied. Ze zijn in 2000 vanuit Irak naar Nederland gevlucht en spraken alleen Arabisch. Ze zijn helemaal vanaf nul begonnen. In het asielzoekerscentrum kregen ze twee kinderen: mijn broertje en mij. En in de eerste jaren hebben ze vooral heel erg hun best gedaan om Nederlands te leren. Nu spreken ze het allebei vloeiend, alleen kan mijn vader niet goed schrijven en lezen. Na drie jaar zijn we verhuisd uit het asielzoekerscentrum naar Oud-Beijerland, vanuit daar hebben ze hun leven helemaal opgebouwd.

‘Mijn ouders komen uit een heel andere cultuur, die veel strenger is ook. Ik vind het mooi om te zien hoe zij zich de Nederlandse cultuur eigen hebben gemaakt en weten te mengen met de Arabische cultuur. Op maandag eten we hutspot en op dinsdag Arabisch. Ik mag gewoon uitgaan tot een uurtje of vier, zolang ik de volgende dag maar wel naar de kerk ga. Ik vind dat heerlijk. Dat ik tweetalig ben opgevoed is ook wel mooi meegenomen.

‘Op maandag eten we hutspot en op dinsdag Arabisch.’

‘Uiteindelijk zou ik het bedrijf best willen overnemen of directeur willen worden, maar eerst wil ik als accountant mijn RA-titel halen. Dit is nodig als je als accountant bevoegd wilt zijn om jaarrekeningen te controleren. Voor een RA-titel moet je doorstuderen: eerst een pre-master, dan een master, vervolgens een post-master en dan pas krijg je die titel. Er gaan nog flink wat jaartjes overheen voordat zover ben, maar dan heb ik wel bereikt wat ik sinds mijn twaalfde al wilde.’

Tekst: Wietse Pottjewijd
Foto: Merna Dominik

Ken jij of ben jij iemand die met zijn/haar verhaal op Humans of HR thuishoort? Stuur een mailtje naar profielen@hr.nl om een afspraak te maken.
Gepubliceerd: 21 May 2021 • Humans of Hogeschool Rotterdam

Humans of HR

Reacties

Laat een reactie achter

One Response to ‘Een twaalfjarige zal niet zo snel zeggen dat-ie accountant wil worden, maar ik dus wel’

  1. Heel leuk stuk, ga ervoor! Als accountant ligt de wereld aan je voeten, als jij je wilt focussen op het mkb dan is een kleiner kantoor perfect!

Spelregels

De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.

  1. Houd het netjes, beschaafd, vriendelijk en respectvol. Niet vloeken of schelden.
  2. Dwaal niet af van het onderwerp (blijf ‘on topic’).
  3. Wees kort, duidelijk en maak een punt.
  4. Gebruik argumenten, geen uitroepen.
  5. Geen commerciële boodschappen.
  6. Niet op de man/vrouw spelen.
  7. Niet discrimineren, aanzetten tot haat of oproepen tot geweld (ook niet voor de grap).
  8. Van bezoekers die een reactie achterlaten op de site wordt automatisch het IP-adres opgeslagen.
  9. De redactie geeft reacties die dreigende taal bevatten door aan de veiligheidscoördinator van de Hogeschool Rotterdam.

Lees hier alle details over onze spelregels.

Back to Top