Ga direct naar inhoud
Profielen | Profielen translated

Meer over:  

#ov-kaart #stufi #studietips #leenstelsel #buitenland #web app installeren
cover profielen 143

Klik op de cover om het magazine te lezen of pak 'm uit de bakken.

‘Het ‘midden’ moet de discussie over diversiteit terugkapen’

Gepubliceerd: 2 November 2016 • Leestijd: 6 minuten en 9 seconden • Het Grote Interview

Ze bestaan: docenten die niet ‘handelingsverlegen’ zijn als het in hun klas gaat over Parijs, Brussel, 9/11 of de coup in Turkije. Halil Karaaslan vertelt hoe hij deze gesprekken voert in de klas en wat hij vindt van de manier waarop de HR omgaat met diversiteit. ‘Het heeft iets schizofreens.’

Foto van Halil

Inclusiviteit: dat is het woord van 2016 op de Hogeschool Rotterdam. Het lijkt op ieders lippen bestorven. Erachter ligt het vraagstuk hoe de HR een thuis kan bieden aan studenten van alle afkomsten. Halil Karaaslan (28) studeerde aan de lerarenopleiding van de HR en geeft dit mooie woord dagelijks inhoud in de klas. Hij werkte eerder in het middelbare onderwijs, maar geeft nu maatschappijleer aan mbo2-leerlingen in Schiedam.

Daarnaast mengt hij zich in het diversiteitsdebat, op Vers Beton bijvoorbeeld, zijn eigen blog of tijdens openbare debatten. Dat de hogeschool zo luid en duidelijk inzet op inclusiviteit bezorgt Karaaslan een ‘yes-gevoel’, vertelt hij in de gemeentebibliotheek van Schiedam. ‘Maar tegelijkertijd heeft het ook iets schizofreens. Men zegt: Wij willen inclusiviteit. Maar vervolgens wordt gezegd: Om die inclusiviteit te bewerkstelligen moeten wij onze normen en waarden uitdragen, en daar gaat het mis voor mij. Er wordt een cirkel om die normen en waarden getrokken – let wel: de normen van de witte Nederlander. Als je daarin past, sta je binnen de cirkel. Maar als ik zeg: Ik wil met mijn eigen normen en waarden in die cirkel, dan word ik vaak gezien als iemand die zeurt.’

Wat zou jij willen dat niet onder de ‘witte’ verzameling van normen valt?

‘De hogeschool heeft een stilteruimte toch? Toen ik nog aan de HR studeerde, werd deze ruimte voornamelijk gebruikt door moslims. Mensen kwamen daar hun gebed doen en er bleef dan ook weleens een gebedskleedje liggen. Dat was niet de bedoeling, want de stilteruimte moest neutraal zijn. Met inclusiviteit werd dus neutraliteit bedoeld. Dat betekent dat je alleen wordt geaccepteerd als je geen kleur bekent. Mijn beeld van inclusiviteit is juist dat er wél een gebedskleedje ligt, maar ook een kruis en een boeddhabeeld. Mijn thuis voelen is dat iedereen kleur bekent.

‘Met inclusiviteit wordt neutraliteit bedoeld.
Dat betekent dus dat je alleen wordt geaccepteerd als je geen kleur bekent.’

‘Iets anders is dat collegevoorzitter Bormans ook spreekt over feiten van meningen onderscheiden (In Profielen 130 zei hij: ‘Als iemand onzin verkoopt over de Jodenvervolging of over moslims, dan wordt dat vaak afgedaan als een mening. Wat een onzin. Het gaat om feitelijke onjuistheden’, red.). Maar de selectie van feiten is niet neutraal. Als het gaat over de coup in Turkije, dan heb je de westerse perceptie en de perceptie van de Turkse media. Zijn dat feiten of meningen? Waar ik het moeilijk mee heb, is dat ik in het pro-democratische Nederland de veroordeling van die coup niet duidelijk hoor. Er is ruimte voor iedereen die denkt dat Erdoğan misschien zelf achter de coup zit. Maar een willekeurige Turkse leerling die over 9/11 zegt dat het misschien door de Amerikaanse overheid zelf is gedaan, krijgt te horen dat dat een conspiracy theory is. Die denkt nu: Waarom is er dan wel ruimte om met elkaar te praten over een complot van Erdoğan? Ik vind dat je heel duidelijk moet zijn. Of we praten alleen over dingen die we kunnen waarnemen of we zeggen: álle theorieën hebben ruimte in de klas.’

‘Ik vind het moeilijk dat ik de veroordeling van de Turkse coup niet duidelijk hoor.’

Is dat de optie die jij kiest als docent?

‘Absoluut. Als iemand in mijn klas zegt: Erdoğan heeft het zelf gedaan, of: 9/11 is een zionistisch complot, dan ga ik vragen stellen. “Wat zijn de bewijzen? Hoe denk je dat je overkomt als je dit soort dingen zegt in de klas of op je werk?” Ik vind dat waardevoller dan leerlingen de mond te snoeren of de klas uit te sturen.’

Waar liggen je grenzen?

‘Er mag niet gescholden worden.’

Zou iemand wel mogen zeggen: Ja, maar, die Turken altijd… Of: Dat is een homo en dat zijn kinderverkrachters…

‘Ik denk dat je als docent moet aanvoelen wat wel en niet kan. Ik besef dat dat vaag klinkt, maar veiligheid in de klas is daarbij mijn belangrijkste graadmeter. Op het moment dat kinderen iets zeggen dat te ver gaat, dan grijp ik in. Ik heb weleens meegemaakt dat een autochtone jongen tegen een Marokkaanse jongen – laat ik hem Mohamed noemen – zei: “Ga terug naar je eigen land.” Ik heb de discussie toen stilgelegd en gevraagd: “Waarom zeg jij dit?” Hij legde uit, met emotie: “Mohamed zegt de hele tijd: Dit is slecht aan Nederland, dat is slecht aan Nederland, en dan heb ik zoiets van: Ga dan terug naar je eigen land.” “Oké”, zei ik: “Mohamed, begrijp jij wat hij zegt?” waarop Mohamed zei: “Ja, daar zit wel wat in.” Vervolgens zei ik tegen de autochtone leerling: “Begrijp jij ook dat Mohamed hier geboren is en dat hij dus niet ‘terug kan’ naar zijn eigen land?” Toen hadden ze begrip voor elkaar. Als ik de jongen had weggestuurd, had Mohamed verhaal kunnen halen. Dan hadden ze kunnen gaan vechten. Nu hebben ze het met elkaar opgelost in de klas.’

Snap je dat het voor veel van je collega’s lastig is om dit soort gesprekken met leerlingen te voeren?

‘Jazeker, ik begrijp dat heel goed. Tegelijkertijd vind ik het jammer dat sommige docenten in de media bijvoorbeeld zeggen dat ze met moslimkinderen niet over de holocaust kunnen praten. Ik behandelde de holocaust ieder jaar toen ik nog in het voortgezet onderwijs werkte. Dat waren mijn fijnste lessen. Op het islamitische Avicenna College nodigde ik dan een holocaust-overlevende uit in de klas. De kinderen snapten hoe erg die vorm van onderdrukking was. En zij spraken dan over wat er gebeurt in Palestina, als de vrijheid er was om koppelingen te maken. Maar op het moment dat je zegt: er was daar pijn, het betrof die ene groep, en jullie mogen geen pijn ervaren bij wat er nu in het Midden-Oosten gebeurt, dan wordt het mijn pijn versus jouw pijn. En dan krijg je dus dat kinderen na Brussel zeggen: Waarom staan we wel een minuut stil bij Brussel en niet bij Ankara?

‘Toen ik zelf op de middelbare school zat, vond 9/11 plaats. Ik was twaalf en wist niet goed wat er was gebeurd, maar tijdens de les verzorging moesten we een minuut stilte houden. Met mijn twee Marokkaanse vrienden stond ik achter in de klas. Eén van ons begon te giechelen en we kregen de slappe lach. Heel slechte timing, dat vind ik zelf ook. De docent stuurde ons eruit en zei: “Hebben jullie dan geen respect?” Hij interpreteerde onze slappe lach onterecht vanuit onze identiteit als moslimleerlingen.’

Dus als drie pubers gaan giechelen tijdens een minuut stilte na een aanslag, dan ga jij er niet gelijk van uit dat het slecht is bedoeld?

‘Nee, tenzij het tegendeel bewezen is. Als ik dingen hoor als: “Ik heb er schijt aan”, dan pak ik het keihard aan. Ik wil dat mijn leerlingen respect hebben voor de mensen die bij een dergelijke aanslag zijn overleden. Maar alsjeblieft: geen guilt by association.’

In deze gepolariseerde tijden wordt de roep om neutraliteit steeds sterker. Zo wordt het bijzonder onderwijs ter discussie gesteld. Maak alles openbaar, zeggen deze stemmen.

‘Ik hoor het constant, maar voor mij is dat radicaal secularisme. Als ik geen plek meer heb om mijn religie te uiten, dan ervaar ik dat als het doordrukken van één visie en het onderdrukken van andere visies. Ik wil de vrijheid hebben om mijn kind op een islamitische basisschool te doen. Of ik daar vervolgens ook voor kies, is een ander onderwerp.

Alsjeblieft: geen guilt by association.

‘Overigens herbergt zo’n islamitische school vaak een groot aantal nationaliteiten, meer dan de gemiddelde witte school. Als dan wordt gezegd: die zwarte school maakt geen aansluiting op de maatschappij, denk ik: Welke maatschappij? Het aantal allochtonen en autochtonen in Rotterdam is ongeveer gelijk, onder jongeren is het percentage allochtonen zelfs hoger dan het percentage autochtonen. Welke visie op de maatschappij heb jij eigenlijk? En welke realiteit wil je in stand houden?’

Spreek je dan over de macht van het getal; het feit dat in onze stad allochtonen in de meerderheid zijn?

‘De realiteit is dat in Rotterdam allochtone jongeren in de meerderheid zijn. Dat betekent daarom per definitie dat de werkelijkheid er anders uitziet dan twintig, dertig jaar geleden, maar dat bedoel ik niet in de zin van een machtsverhouding op basis van het getal.

‘Mijn lessen over de holocaust waren de fijnste lessen van het schooljaar.’

Het is belangrijk dat je erop kan vertrouwen dat deze discussies vanuit een goede intentie worden gevoerd. Het zijn soms lastige gesprekken, dat geef ik toe. Als we elkaar maar een hand geven en een volgende keer weer bij elkaar willen komen. Dan zou je kunnen vaststellen: Van de tien onderwerpen zijn we het over drie fundamenteel oneens, maar met die andere zeven kunnen we werken. Wat vaak gebeurt, is dat we elkaar eindeloos over die drie onderwerpen doorzagen.

‘Ik vind echt dat we deze dingen met elkaar moeten bespreken, en dat gebeurt vaak niet. De discussies die je wel hoort, worden overheerst door radicalen en extremisten. Het midden – waaronder ik mezelf ook schaar – zou die discussie terug moeten kapen. Ik wil meepraten omdat ik daadwerkelijk iets goeds wil doen voor de maatschappij, en niet omdat ik wil aanschoppen tegen het huis waarin ik ben opgegroeid.’

Tekst: Esmé van der Molen
Fotografie: Levien Willemse

Dit artikel wordt je aangeboden door Profielen, het nieuwsmedium van de Hogeschool Rotterdam. Like what you see? Like ons dan op Facebook en blijf via je eigen tijdlijn op de hoogte van het laatste nieuws. Liever een nieuwsbrief? Meld je hier aan voor een maandelijkse update.

Reacties

Laat een reactie achter

9 Responses to ‘Het ‘midden’ moet de discussie over diversiteit terugkapen’

  1. Inclusiviteit is inderdaad geen neutraliteit, zo had ik het niet bekeken, een mooie eye opener en interessante invalshoek. En op individuele basis met elkaar in gesprek gaan en blijven geeft meer kans op begrip en voorkomt wellicht escalatie. De goede intentie staat voorop, mooi.

  2. Inspirerende voorbeelden van verbindende gesprekken. Dank hiervoor. En een kijk op waarden en normen waar ik over na moet denken

  3. Dank je wel Halil. Inspirerend, hoopgevend en een bevestiging dat een positieve, open benadering in de klas zo belangrijk is. Ik heb mijn groep (docenten Engels in Opleiding) zojuist op jouw artikel gewezen en de essentie ervan besproken. Dit was een evenzo inspirerende en hoopgevende ervaring.

  4. “Maar een willekeurige Turkse leerling die over 9/11 zegt dat het misschien door de Amerikaanse overheid zelf is gedaan, krijgt te horen dat dat een conspiracy theory is.” En als een ‘Nederlandse’ leerling dit zegt krijgt hij dat niet te horen? En daarnaast denk ik dat je hier een heel slecht voorbeeld hebt gekozen, er zijn zat mensen die denken dat er meer zit achter de aanslagen van 9/11. Echter noem je verderop in een artikel een “zionistisch complot” en dan ga je inderdaad waarschijnlijk een stapje te ver. Dan kom je in de regionen van de illuminatie en de vrijmetselaars. Daarnaast, als moslim ergens de joden/zionisten de schuld van geven komt inderdaad niet heel sterk over. De verhoudingen tussen deze twee religies zijn nou niet bepaald koek en ei, dus neem ik zo’n beschuldiging nooit echt serieus.

    En over religieus onderwijs. Dat jij de vrijheid wil hebben om je kind op een islamitische basisschool te doen, is voor de meeste Nederlanders geen enkel probleem. Hoe het met de kwaliteit van dit soort scholen zit even daargelaten. Het probleem komt, wat mij betreft, door het feit dat deze scholen worden bekostigt met belastinggeld. Ik vind het behoorlijk krom dat ik voor scholen met zulke ideologieën MOET betalen via mijn belastinggeld. Ik bedoel, scheiding tussen kerk en staat zou toch al een tijdje in gebruik moeten zijn. Daarnaast wordt het nog erger als deze scholen mij of mijn kind kunnen weigeren omdat ik niet dezelfde ideologie volg, zie de blog van bas (http://profielen.hr.nl/2016/blog-bas-stop-met-het-financieren-van-bijzonder-onderwijs/).

    Ten slotte mijn laatste punt, de vergelijking tussen de holocaust en palestina. Het systematisch uitroeien van een hele religie in geheel Europa met behulp van alle verschrikkelijke wapens die voorhanden zijn, tegenover het al dan niet bezetten van enkele stukken land. Mijns inziens is dat geen hele sterke vergelijking…

  5. Karel, jouw kritiek op de vergelijking tussen de holocaust en Palestina loopt spaak als je zegt dat de kwestie Palestina slechts gaat over het ‘al dan niet bezetten van enkele stukken land’.

    Halil, ik had je artikel al gelezen in de hard copy. Fijn dat er geluiden uit het ‘midden’ klinken. Daar sluit ik me bij aan.

  6. @Christine, fijn dat je even goed onderbouwd aangeeft waarom je vindt dat mijn vergelijking niet klopt. Je hebt me helemaal overtuigd… /sarcasme

 

Spelregels

De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.

  1. Houd het netjes, beschaafd, vriendelijk en respectvol. Niet vloeken of schelden.
  2. Dwaal niet af van het onderwerp (blijf ‘on topic’).
  3. Wees kort, duidelijk en maak een punt.
  4. Gebruik argumenten, geen uitroepen.
  5. Geen commerciële boodschappen.
  6. Niet op de man/vrouw spelen.
  7. Niet discrimineren, aanzetten tot haat of oproepen tot geweld (ook niet voor de grap).

Lees hier alle details over ons spelregels

Recente artikelen

Back to Top