Ga direct naar inhoud
Profielen | Profielen translated
26 mei 2022

Zwart logo Profielen

Onafhankelijk nieuws van de Hogeschool Rotterdam

HR gedagvaard om ‘schrikbewind’ rond plagiaatregels

Gepubliceerd: 16 November 2021 • Leestijd: 2 minuten en 54 seconden • Nieuws

Luc Vermaat en zijn studiegenoot Joyce van Kal spannen een rechtszaak aan tegen de Hogeschool Rotterdam. Ze zijn het niet eens met de ‘draconische straffen’ die ze kregen voor onopzettelijk vergeten bronvermeldingen.

bronzen beeld van vrouwe justitia met weegschaal en blinddoek

 

Update 18-11-2021 10:20 uur: De eerder genoemde zitting van 24 november betreft een rolzitting waarbij de zaak nog niet inhoudelijk wordt behandeld.

De twee studenten van de lerarenopleiding Nederlands moeten de eindopdracht van het vak vakdidactiek – ‘voorzien van nieuwe onderwerpen’ – opnieuw maken. Luc Vermaat, die in een van de bijlagen een bron was vergeten te vermelden, is daarnaast uitgesloten van het tentamen waardoor hij een half jaar studievertraging denkt op te lopen.

Bij Joyce van Kal, zo staat het in de dagvaarding, ‘bestaat het vermeende plagiaat er vermoedelijk uit dat ze bij haar werkstuk delen van een door haar gemaakt opdrachtenboekje voor de school waar zij reeds werkt heeft gebruikt’. Delen van dat boekje gebruikte ze voor een werkstuk in 2017. ‘Ze wist niet dat ze daarbij een bron diende te vermelden’.

‘Definitie wijkt af van algemeen spraakgebruik over fraude’

In een aan de HR gerichte beroepszaak (gericht aan het college van beroep voor de examens) maakten de studenten, bijgestaan door Lucs vader mr. Dirk Vermaat als hun advocaat, al bezwaar omdat de hogeschool er in hun ogen een onjuiste definitie van plagiaat op nahoudt. Uit artikel 4.10 van de Hogeschoolgids wordt duidelijk dat ook het zonder opzet niet vermelden van een bron onder plagiaat valt, en dus fraude is. ‘Deze definitie van fraude wijkt af van de omschrijving die in het commune recht en in het algemeen spraakgebruik wordt gehanteerd’, stellen de studenten in hun dagvaarding.

De twee studiegenoten zijn de juridische procedure gestart nadat de HR aangaf dat het genoemde artikel van de Hogeschoolgids niet wordt aangepast: ‘De definitie van fraude zoals de HR deze hanteert is in overeenstemming met de jurisprudentie en biedt de examencommissie heldere objectieve maatstaven om te oordelen of er sprake is van fraude’, hebben de studenten van de HR te horen gekregen. En: ‘Fraude in onderwijsrechtelijke zin is geen onrechtmatige daad en heeft evenmin strafrechtelijke gevolgen. (…) Het is niet van belang of de student de intentie had te frauderen.’

‘Geen exemplaar van de Hogeschoolgids ontvangen’

De hogeschool wijst hierbij op jurisprudentie van het CBHO (College van Beroep voor het Hoger Onderwijs), waarop de studenten in hun daagvaarding reageren dat deze jurisprudentie ‘in strijd is met het commune recht en dus onjuist’.

Op de stelling van de HR dat studenten worden geacht kennis te hebben van de Hogeschoolgids, reageren de studenten dat zij geen exemplaar van de Hogeschoolgids ontvingen ‘voordat zij de overeenkomst met de HR tot het verkrijgen van onderwijs sloten’. De gids is ‘na lang zoeken op de website van de HR uiteindelijk vindbaar’, voegen ze er nog aan toe. En: ‘De studenten hebben geen enkele inspraak gehad op de inhoud van artikel 4.10’.

‘Zwart omlijnde waarschuwing in Hogeschoolgids’

Mocht artikel 4.10 niet worden gewijzigd dan pleiten de studenten voor een ‘zwart omlijnde’ extra waarschuwing in de Hogeschoolgids waarin staat dat de HR een afwijkend gebruik van het begrip plagiaat hanteert ‘dat kan leiden tot studievertraging van minstens een half jaar. Bovendien word je als fraudeur in onze administratie opgenomen. Dus pas op!’

Joyce van Kal en Luc Vermaat hadden niet gerekend op zware sancties. In de hoorzitting bij de examencommissie kregen ze naar hun zeggen van de voorzitter van die commissie te horen dat het bij de ‘vermeende fraude’ om een ‘kleinigheid’ ging en dat de strafmaat ‘wel zou meevallen.’

‘Fouten mogen maken’

De studenten vinden dus dat ze te zwaar zijn gestraft en wijzen ook nog op de speech van collegevoorzitter Ron Bormans bij de jaaropening dit jaar. Hij betoogde dat je fouten mag maken op de hogeschool. Aanleiding was toen overigens het onderwerp ‘racisme dat soms de hogeschool binnensluipt’ en dat je je daarbij als school enerzijds normatief moet opstellen maar anderzijds ook het gesprek moet aangaan (zie de jaaropening op Youtube, vanaf 8:08).

In de dagvaarding betogen de twee studenten dat de HR een ‘schrikbewind’ voert. ‘Waardoor studenten de vrees hebben om ten onrechte als fraudeur te worden aangemerkt’, en te worden geconfronteerd met ‘draconische maatregelen’.

De HR en de examencommissie gaven al eerder aan dat ze gedurende het proces niet willen reageren op de kwestie. De zaak dient op 24 november in Rotterdam. Dit betreft een zogenoemde rolzitting waarbij nog niemand aanwezig en de zaak nog niet inhoudelijk wordt behandeld.

Tekst: Jos van Nierop
Foto: Shutterstock

 Wil je op vrijdag (rond lunchtijd) het heetste nieuws van afgelopen week in je mailbox ontvangen? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.

Recente artikelen

Reacties

Laat een reactie achter

5 Responses to HR gedagvaard om ‘schrikbewind’ rond plagiaatregels

  1. Waar en welke tijd vindt de zitting van 24 november a.s. plaats en waar kan ik dat vinden?

  2. “De [Hogeschool]gids is ‘na lang zoeken op de website van de HR uiteindelijk vindbaar’, voegen ze er nog aan toe.”

    Wat een onzin: dit is de eerste hit in Google als je zoekt op “hogeschoolgids hogeschool rotterdam”.

  3. Ik ben echt heel benieuwd naar de argumentatie van de studenten. Ik krijg geen positieve indruk van de argumenten zoals ze in dit artikel worden weergegeven. Voor zover ik het begrijp is een overeenkomst tussen twee partijen alleen in strijd met commune recht op een moment dat niet aan bepaalde voorwaarden voor het komen tot de overeenkomst wordt voldaan.

    Dat de overeenkomst in kwestie afwijkend is van begrippen in het commune recht is niet relevant, deze begrippen zijn altijd specifiek aan de wet, niet algemeen voor iedere overeenkomst. Wat van belang is dat de afwijkende begrippen correct in een geldig document zijn gedefineerd, zoals in de Hogeschoolgids. De Hogeschool maakt voor haar sancties immers geen gebruik van het commune recht, slechts van een algemeen gebruikte term.

    Je kan ook niet zomaar alles in een overeenkomst zetten en verwachten dat het rechtsgeldig is dus het hele argument valt of staat met de kwestie of de consequenties daadwerkelijk onredelijk zijn. Gezien de hoeveelheid studenten die zonder fraudesancties hun opleidingstraject voltooien denk ik dat ze hier een zware dobber aan hebben.

    Dat de studenten geen toegang hebben tot de Hogeschoolgids todat ze zich hebben ingeschreven is een interessant argument maar dan staan ze mogelijk voor de uitdaging aannemelijk te maken dat ze hun keuze voor instituut gebaseerd zouden hebben op deze informatie, en ze niet de gelegenheid zouden hebben om hun keuze te heroverwegen.

    Dat de studenten geen inspraak hebben gehad op artikel 4.10 klinkt… een beetje belachelijk. Waarom zouden alle studenten inspraak moeten hebben over de regels van de Hogeschool Rotterdam? Sterker nog, hoe is dit steekhoudend met hun argument dat ze geen toegang hebben gehad tot de Hogeschoolgids tot na inschrijving? Dit impliceert dat ze inspraak zouden moeten hebben gehad op een artikel wat deel is van een overeenkomst waar zij geen deel van uitmaken, m.a.w. dat alle *potentiële* studenten inspraak zouden hebben op de regels van de Hogeschool Rotterdam.

    Ik ben zo benieuwd hoe dit uit gaat pakken :D.

  4. Interessante casus. Het moet me van het hart dat de vele zaken omtrent plagiaat bij de HR die naar buiten komen bij mij de indruk wekken van overdreven wantrouwen naar studenten. Geen beeld waarmee je graag in de publiciteit komt, lijkt mij. De meeste zaken ademen een arbitraire invulling van de betekenis van het woord “fraude”, de strikt repressieve gevolgen lijken pedagogisch-didactisch weinig constructief te zijn.
    Het is maar zeer de vraag wie hier beter van wordt, als we het beoogde doel van onderwijs als referentie nemen. Leren doe je immers vrijwel altijd met- en van anderen. Als iemand tijdens dat leren verkeerd verwijst of de bron van het geleerde te weinig aan de juiste persoon toeschrijft, betekent dat niet vanzelf dat er fraude is gepleegd. Ook niet als zelfs een rechter juridisch geen ruimte ziet voor een menselijkere benadering van wat hier werkelijk aan de hand is, omdat dit in een “gids” nu eenmaal zo is vastgelegd. Vergelijk het met de recente toeslagenaffaire waar rechters te drastisch mee gingen in een te harde (foutieve) interpretatie van de wet.

    Ik hoop dat de studenten de zaak winnen en/of dat beeldvorming de HR langzaam doet beseffen dat dit soort overdrijving een heilloze weg is. Niemand wordt beter van disproportionele sancties als deze en het past niet bij wat er met leren wordt beoogd. En zelfs als deze zaak in het juridische “voordeel” van de HR uitpakt, zou het wijs zijn om de vigerende regels en uitvoering rond plagiaat kritisch tegen het licht te houden.

  5. @Casper. Zie de update – in een geel kader – in het artikel. Op 24 november vindt er nog geen inhoudelijke behandeling plaats.

Spelregels

De redactie waardeert het als je onder je eigen naam reageert.

  1. Houd het netjes, beschaafd, vriendelijk en respectvol. Niet vloeken of schelden.
  2. Dwaal niet af van het onderwerp (blijf ‘on topic’).
  3. Wees kort, duidelijk en maak een punt.
  4. Gebruik argumenten, geen uitroepen.
  5. Geen commerciële boodschappen.
  6. Niet op de persoon spelen.
  7. Niet discrimineren, aanzetten tot haat of oproepen tot geweld (ook niet voor de grap).
  8. Van bezoekers die een reactie achterlaten op de site wordt automatisch het IP-adres opgeslagen.
  9. De redactie geeft reacties die dreigende taal bevatten door aan de veiligheidscoördinator van de Hogeschool Rotterdam.

Lees hier alle details over onze spelregels.

Aanbevolen door de redactie

Back to Top