Profielen | Profielen translated

Meer over:  

#ov-kaart #stufi #studietips #leenstelsel #buitenland #web app installeren

Over wat de bedrijfsarts doet aan de verslaving van je collega

Gepubliceerd: 18 May 2017 • Leestijd: 4 minuten en 28 seconden • Achtergrond

Bedrijfsartsen gaan uit van 6 procent verslaafden op de werkvloer. Omgerekend zou dat op de Hogeschool Rotterdam om zo’n 200 mensen gaan. Profielen sprak met Patrice van Efferen, een van de bedrijfsartsen van de HR, over wat hij voor deze groep medewerkers en hun omgeving kan doen.

Illustratie van een werkbureau met een omgekeerde glaswijn erop

Volgens het Trimbos-instituut, het kennisinstituut voor geestelijke gezondheid en verslaving, is 10 procent van de volwassenen een zware drinker en blowt 1,2 procent dagelijks. Volgens deze statistieken zouden er op de HR 335 probleemdrinkers rondlopen. Herkent u dit beeld?

‘Wij gaan ervan uit dat bij deze instelling – bij elke instelling trouwens – 6 procent van de medewerkers forse verslavingsproblemen heeft. Dat betekent op de HR ongeveer 200 mensen. Dan gaat het om middelen – cannabis, alcohol en GHB bijvoorbeeld – en om gedrag: gokken, game- of seksverslaving. Alcohol en cannabis zie ik het meest. Een fractie van die 6 procent komt hier.’

Komt het weleens voor dat een medewerker zich bij de bedrijfsarts meldt met alcohol- of andere verslavingsproblemen?

‘Nee. Medewerkers met een verslaving doen er alles aan om niet in de hulpverlening terecht te komen. Het komt wel voor dat een medewerker met verslaving bij mij komt vanwege disfunctioneren, via de leidinggevende of omdat hij zich ziek meldt.’

Als u een vermoeden van verslaving heeft, maakt u dit onderwerp dan bespreekbaar in de spreekkamer?

‘Dat ligt eraan. Ik ben niet een bedrijfsarts die invuloefeningen maakt van alle formulieren die er zijn. Verslaving gaat vaak gepaard met andere problemen, comorbiditeit noemen we dat. ADHD en verslaving gaan vaak hand in hand, maar er is ook een verband tussen depressie of angst en gebruik.

‘Als ik mensen met die klachten of met ernstige psychosociale problematiek bij me krijg, vraag ik wel naar drank-, drugs- en medicijngebruik. Komt er iemand met een hernia, dan niet.’

Als iemand met psychosociale problemen ook verslavingsproblemen heeft, wat dan?

‘Dan ga ik de prioriteiten afwegen. Wat moet het eerst aangepakt worden, de depressie bijvoorbeeld, of het drankgebruik? Als ik denk dat de depressie primair is, dan verwijs ik naar een psycholoog of psychiater.

‘Als ik inschat dat het gebruik de bron is van andere problemen, dan verwijs ik door naar een verslavingskliniek, maar dat komt in de praktijk maar weinig voor.’

‘Medewerkers met een verslaving doen er alles aan om niet in de hulpverlening terecht te komen.’

In dat laatste geval, wie meldt de persoon in kwestie aan? De bedrijfsarts of de betrokkene?

‘Dat doet de medewerker zelf. Als de persoon gemotiveerd is, krijgt het een vervolg. Is hij of zij dat niet, dan meldt ie zich waarschijnlijk niet eens aan. In dat geval zal het disfunctioneren aanhouden. Werknemers met een verslavingsprobleem dat hun functioneren structureel negatief beïnvloedt, riskeren ontslag.’

Kan de bedrijfsarts met de leidinggevende van de betrokkene praten over zijn verslaving en de behandeling?

‘Nee, ik heb beroepsgeheim. Richting de leidinggevende kan ik niets meer doen dan aangeven dat ik een indicatie gespecificeerde hulpverlening heb afgegeven.’

Komt het weleens voor dat een collega een melding maakt over het (drank)gebruik van een ander?

‘Ik heb dat nog nooit meegemaakt.’

Partners, ouders of kinderen van mensen met een verslaving kunnen net zo veel problemen hebben om goed te functioneren als de betrokkenen zelf. Komt het weleens voor dat een naaste zich ziek meldt met bijvoorbeeld stressklachten?

‘Ja, dat komt veel vaker voor dan dat ik een medewerker met verslaving zie. Gemiddeld zo’n twintig keer per jaar. Een verslaafd kind heeft de meeste impact. Ik heb het dan over de fase 18-25 jaar, de periode dat kinderen verondersteld worden zelfstandig te functioneren. Als je kind in deze periode verslaafd is of een psychiatrische stoornis heeft, dan lopen vooral de moeders vast, omdat zij hun kind dan niet kunnen loslaten.

‘Deze vrouwen kunnen zelf psychiatrische problemen krijgen zoals een depressie, angststoornis of een burn-out. Ik zie minder problemen bij de vaders. Die verliezen zich eerder in hun werk dan dat ze uitvallen.

‘Volwassenen die als kind hebben geleefd met een verslaafde ouder kunnen later in hun leven vastlopen, vaak pas rond of na hun vijftigste. Ook zij kunnen structureel minder weerbaar zijn en kwetsbaar voor uitval op het werk.’

Heeft de HR beleid tegen het gebruik van middelen?

‘Nee, net zoals de meeste organisaties dat niet hebben. Persoonlijk denk ik dat het goed zou zijn om alcohol-, drugs- en medicijnbeleid (adm-beleid) vast te leggen, op voorwaarde dat het niet bij vastleggen blijft. Om alleen te kunnen verwijzen naar je webpagina arbobeleid, bijlage h, heeft geen zin. Dan kan je het net zo goed niet doen. Het zou wel helpen als het is ingebed in een cultuur van oprechte zorg voor medewerkers.

‘Een verslaafd kind heeft de meeste impact.’

‘Het voordeel van vastleggen is ook dat je sneller kunt interveniëren dan nu gebeurt en ook preventief meer kunt doen. En met adm-beleid krijgen leidinggevenden handgrepen om het gesprek over middelengebruik, of lifestyle in het algemeen, aan te gaan.

‘Ik ken bijvoorbeeld een verhaal van een medewerker die elke dag naar drank stonk. Als de leidinggevende hem daarop aansprak, zei de persoon in kwestie dat dat een bijwerking van medicijnen was. Voor de leidinggevende hield het daarmee op. Die wist niet hoe hij dit verder moest aanpakken.

‘Het onderwerp zou ook aandacht moeten krijgen in frequent verzuimgesprekken. Zonder dat je leert hoe je het gesprek over verslaving kunt voeren, zijn de meeste leidinggevenden hiervoor gewoon onvoldoende toegerust. Verslaving wordt op de werkvloer onvoldoende of helemaal niet herkend.’

Wat kun je als leidinggevende doen als je vermoedt of weet dat het werk negatief beïnvloed wordt doordat er verslavingsproblemen zijn bij een medewerker of in het gezin van een medewerker?

‘Allereerst: het gesprek hierover aangaan met betrokkene. Vervolgens kun je een adviesgesprek aanvragen bij mij of mijn collega. Dat zou ik wel communiceren met de medewerker in kwestie. Dan kun je iets zeggen als: “Ik maak me zorgen. Ik ga dit bespreken met de bedrijfsarts, maar zal je naam niet noemen en ik kom er bij je op terug.” Vervolgens moet je je medewerker de tijd geven.

‘Het duurt meestal een maand of drie voordat iemand aan de gedachte gewend is dat hij of zij iets met de situatie moet. Na drie maanden kun je als leidinggevende laten weten of je het nodig vindt dat de medewerker naar de bedrijfsarts gaat of niet. Dus geef iemand even tijd en wees duidelijk en eerlijk. Dat duurt nog altijd het langst.’

Tekst: Dorine van Namen
Illustraties: Vijselaar en Sixma

Kosten productiviteitsverlies
Het RIVM deed onderzoek naar de maatschappelijke kosten van alcoholmisbruik.In totaal werden de kosten van productiviteitsverlies als gevolg van het drinken van alcohol in het jaar 2013 in Nederland geschat op 1,7 miljard euro. Hiervan werd 0,4 miljard euro veroorzaakt door alcoholgerelateerd ziekteverzuim en de overige 1,3 miljard euro door presenteïsme (aanwezig zijn op werk, maar minder productief). Naar schatting gaan er voor elke verzuimdag 3,11 werkdagen verloren als gevolg van alcoholgerelateerd presenteïsme.
Bron: Maatschappelijke kosten-baten analyse van beleidsmaatregelen om alcoholgebruik te verminderen, RIVM Rapport 2016-0133
G.A. de Wit et al.

Reacties

Laat een reactie achter

2 Responses to Over wat de bedrijfsarts doet aan de verslaving van je collega

  1. “Volgens het Trimbos-instituut, het kennisinstituut voor geestelijke gezondheid en verslaving, is 10 procent van de volwassenen een zware drinker en blowt 1,2 procent dagelijks. Volgens deze statistieken zouden er op de HR 335 probleemdrinkers rondlopen.”

    Trimbos definieert een zware drinker als volgt:

    Volgens het CBS zijn “zware drinkers” mannen die minstens één keer per week 6 of meer glazen alcohol
    op een dag drinken, of vrouwen die minimaal 4 glazen op een dag drinken (CBS, 2012).
    (https://assets.trimbos.nl/docs/3fdeab39-f34e-4aa0-97af-5dbf111c05a0.pdf#page=263)

    Het lijkt mij aannemelijk dat op de HR 335 mensen rondlopen die minstens één keer per week 6/ 4 of meer glazen alcohol per dag drinken. Maar om deze mensen probleemdrinkers te noemen vind ik overdreven. Het is mogelijk van zondag- tot vrijdagochtend ontzettend gezond te leven, op vrijdag- en zaterdagavond een aantal glazen alcohol te drinken en toch te worden gelabeld als zware drinker.

    Naar mijn inziens ben je een probleemdrinker als je last ondervindt van het drinken. Als je kwaliteit van leven minder wordt door het gebruik van alcohol. Interessant artikel, maar doen alsof er 355 probleemdrinkers op de HR rondlopen is niet reëel.

  2. En en en …. zo lang alcohol netto meer geld opbrengt (verkoop en ‘zogenaamde behandelplannen’) dan dat het kost (zoals hierboven genoemd), gaat er zeer waarschijnlijk, mogelijk, potentieel misschien niks veranderen…..

    Toch?

 

Lees hier onze spelregels

Recente artikelen

Back to Top